Bijdrage werkgroep dialect en folklore

Hoewel onze groep even lang bestaat als de Stichting is ze nog maar weinig naar buiten getreden. De eerste jaren verzamelden we Twentse benamingen van vogels, planten, gekweekt en in ’t wild, zaken die te maken hadden met het boerenbedrijf, hele lijsten met typisch Twentse uitdrukkingen. In de loop der jaren zijn talloze vragenlijsten van het Instituut voor Wetenschappen te Amsterdam beantwoord. Dat was erg tijdrovend. Niet minder tijdrovend was het voorbereiden en begeleiden van een Oecumenische kerkdienst in het Twents. Proza en gezang moesten daarin worden omgezet.

We werkten mee aan donateursavonden middels een quiz o.i.d. Dit jaar wordt onze medewerking gevraagd op de werkgroepenvergadering wat het deel na de pauze betreft.

Omdat er al heel wat lectuur over bleek te bestaan zijn we gestopt met het onderwerp “kinderspelen”, maar ook omdat we de laatste tijd nogal moeilijkheden hadden met de opkomst van de leden. Dat werkt erg remmend. De samenkomsten zijn nu op de tweede maandag van de maand. Als daardoor een regelmatiger opkomst ontstaat, hopen we een verantwoord en zinnig geheel te kunnen maken van de oude gebruiken in Ootmarsum. We doen een beroep op enige Ootmarsummers, die deze gebruiken van jongsaf hebben meegemaakt, ons er bij te helpen. Met het boekje “het léven in de Noaberschap” hebben we het afgelopen jaar het meeste succes gehad. Deze werkgroep kan nog wel versterking met enkele personen gebruiken. Momenteel hebben we de volgende medewerkers: A. Baanstra leider, H. Scholten, P. Pikkemaat, G. Oude Veldhuis, H. Helthuis, G. Frommink, W. Essink, H. Engelbertink en

B. Boevink rapporteur.

Oorspronkelijke bron
Jaarboek Heemkunde 1983: B. Boevink: Bijdrage werkgroep dialect en folklore, pagina 15

Dit artikel toont de tekst van de oorspronkelijke publicatie in het jaarboek. De opmaak kan voor deze webversie licht zijn aangepast.

Ga naar de inhoudsopgave van 1983
Bijdrage werkgroep dialect en folklore
2026-09-09 03:47:55