Dendrochronologisch onderzoek
Hoe bepaalt men de ouderdom van gebouwen?
Bij het onderzoek, waarbij de houtmonsters met behulp van een holle boor worden genomen, werden de jaarringen gemeten en vervolgens vergeleken met reeds bekende waarden. Op de plaats waar de waarden van een houtmonster met die van een bekende waarde overeen komt, kan een vrij nauwkeurige datering volgen. Die datering geeft het jaar aan waarin de boom is gekapt. Ervaringen hebben uitgewezen dat binnen 2 jaar na het kappen het hout werd verwerkt en als bouwmateriaal werd gebruikt.
Dat houdt echter nog niet in dat dan meteen vastgesteld kan worden uit welk jaar een bepaald pand dateert. Het komt n.l. voor dat gebouwen in verschillende fases tot stand zijn gekomen. Meerdere houtmonsters op verschillende plaatsen in huizen waren daarom noodzakelijk.
Voorbeeld: Het pand Marktstraat 3 (Cremershuis) heeft ’n gevel uit 1656, maar het houtskelet dateert uit ± 1620.
Uit het onderzoek bleek dat het pand Kerkplein 10-11 (bibliotheek) het oudste pand van Ootmarsum is.
Resultaten van de in Ootmarsum onderzochte panden:
Ganzenmarkt 3 (café Pikkemaat) In de zijgevel zijn nog enkele afgezaagde stijlen zichtbaar, waarvan er een in 1611 (± 2 jr.) werd gekapt. Het bouwen van het pand moet dus omstreeks 1612 hebben plaatsgevonden.
Ganzenmarkt 11 (mevr. E. Pikkemaat) Zes houtmonsters uit het vakwerk van de zijgevel gaven een datering van het kappen van het hout in eind 1551. Het vakwerk moet derhalve omstreeks 1552 zijn opgetrokken.
Ganzenmarkt 22 (Klokhuis/Wijnhuijs) Het hout voor de ankerbalk IIII en een los hanenhout werd eind 1616 geveld en waarschijnlijk kort daarop gebruikt voor de bouw.
Grotestraat 13 (Geert Bekhuis) Een houtmonster van een ankerbalk in de winkel bleek voldoende om dit pand (met tussenbalkjukken) te dateren omstreeks 1589, omdat het hout voor de balk omstreeks 1588 was geveld.
Grotestraat 15 (Jos Brummelhuis) Het hout voor de ankerbalk die in de woonkamer werd aangeboord, is eind 1589 gekapt. Huis dus gebouwd in of kort na 1590.
Keerweer 2 (I.S.T.-kantoor/Ambachtshoes) Het rechterdeel van dit kantoorpand kon worden gedateerd dank zij de middenstijl in de zuidgevel waarvoor in 1562 hout is gekapt. Een ankerbalk van na 1620 en een hoekstijl aan de voorkant (± 1736) laten zien dat niet alle onderdelen van de constructie oorspronkelijk bij elkaar horen.
Marktstraat 3 (Cremershuis) Het houtwerk van dit pand is iets ouder dan de voorgevel die het jaartal 1656 draagt. Het hout is gedateerd in ± 1620.
Kerkplein 10-11 (Huis Poort’n Frederik) De bouw van dit pand (bieb) moet omtrent 1532 zijn geweest, omdat het hout van een van de ankerbalken eind 1531 is gekapt.

Huis Poort’n Frederik, oudste van Ootmarsum.
Marktstraat 4 (Wientjes). De stijlen van de achterbalkgebinten bleken minder geschikt voor datering, maar het hout voor de daksporen moet eind 1639 zijn geveld.
Marktstraat 8 (Kuiper v.h. Rikmanspoel). Het pand heeft een gevel met het jaartal 1747. Het houtskelet met tussenstijlen moet kort na 1607 zijn gebouwd, omdat toen het hout voor een van de stijlen is gekapt.
Marktstraat 7-9 (Tijhuis v.h. Beld). Dit hoekhuis met verdieping bleek dateerbaar dank zij een kinderbalkje onder de zoldervloer: ’t hout is gekapt eind 1568. De onderbouw van no. 7 ca. 1613 gebouwd, omdat het hout voor 2 schoren eind 1612 werd geveld. De duidelijk als zodanig herkenbare verhoging van no. 7 moet op grond van 3 verschillende gebintstijlen in of niet lang na 1637 zijn gebouwd, een stijl aan de zuidkant bleek iets ouder: in 1602 gekapt, maar dat is waarschijnlijk niet maatgevend voor de bouwdatum.
Oorspronkelijke bron
Jaarboek Heemkunde 1986, pagina 44: Dendrochronologisch onderzoekDit artikel toont de tekst van de oorspronkelijke publicatie in het jaarboek. De opmaak kan voor deze webversie licht zijn aangepast. Veel afbeeldingen in deze artikelen zijn 'aanklikbaar', waarna een uitgebreidere beschrijving wordt getoond.
Ga naar de inhoudsopgave van 1986 →

