Gustaaf Klaas: Verhitte gemoederen rond de Koale Karmis

Jarenlang reeds viert Ootmarsum haar Koale Karmis op identieke traditionele wijze: op de eerste vrijdag van november en de zondag daarop volgende, op dezelfde plaatsen, Markt, Schiltstraat, op dezelfde uren, in dezelfde sfeer, ja zelfs met vrijwel dezelfde vermakelijkheden, maar zo gladjes en regelmatig als bij de andere oude gebruiken van Ootmarsum bij hitte of kou, wind of regen, zomer of winter, jaar in jaar uit is het niet altijd verlopen in het verleden, ja, zelfs het voortbestaan er van is meer dan eens in het ge-ding geweest.In 1918 gaat de kermis niet door wegens Spaanse griep. Dat is overmacht. In 1919 gaat de kermis niet door ter bestrijding van vlektyphus. In 1920 vragen het Kruisverbond en de Maria-verenigingen een tapverbod op kermis, want het is in november geen weer voor bier e.a. vrije dranken en dus vreest de Bond sterk alcoholgebruik thuis. Daarop stelt de gemeenteraad de kermis op de 2e maandag van september, voor het eerst op 9 september 1920. Het tapverbod blijft gehandhaafd.

Een tijdje later willen het Kruisverbond en de Maria-verenigingen de kermis helemaal afschaffen, maar dat kan niet, want “er komen dan veel mensen en het is de enige ontspanning!” luidt het argument. Brood en spelen.

Hiermee is het probleem kermis nog lang niet van de baan. Alle oude gebruiken zijn op vaste tijden in het jaar. Het verplaatsen er van wreekt zich. Dat is meer dan eens gebleken (o.a. palmpasenoptocht). Zo ook hier, want in 1924 constateert men dan ook dat de kermis hoe langer hoe slechter wordt en men vraagt zich al bezorgd af of er wel een draaimolen(!) komt. Misschien is het beter de kermis af te schaffen als er zelfs geen draaimolen komt en te vervangen door een volksfeest. Een (wijs) raadslid vindt het jammer dat de kermis indertijd vervroegd is; vroeger was ze heel druk bezocht, maar een ander raadslid ziet in de kermis voor de gemeente geen voordeel (meer).

De neringdoenden willen de kermis ook wel weer op het oude tijdstip, “maar”, zegt de burgemeester (Hora Siccama) “in november is het weer guurder dan in september en worden de mensen in de gelegenheid gesteld of gedwongen hun toevlucht te zoeken in herbergen en daardoor wordt het drankmisbruik in de hand gewerkt.” Met 6 stemmen tegen 1 wordt op 29 okt. 1924 desondanks vastgesteld dat de kermis voortaan zal worden gehouden op de 1e vrijdag in november met dien verstande dat het de 2e vrijdag in november wordt als die dag zou vallen op een katholieke feestdag. (Allerheiligen of Allerzielen). Van nu af was het dus weer de van ouds bekende Koale Karmis.

Kerkplein wel – Kerkplein niet

Enige tijd horen we niets meer over kermisperikelen, maar amper vier jaar later vraagt de Koale Karmis opnieuw de belangstelling van velen. Wat beroerde de gevoelens dan nu weer? In de afgelopen jaren is de kermis vermoedelijk toch wat uitgebreid, maar dat liep dan ook prompt uit de hand. Met kermis had het Kerkplein wel een woonwagenkamp geleken tot grote ergernis van menig Ootmarsummer, welke een hoogtepunt bereikte toen er veel hinder werd ondervonden tijdens de godsdienstoefening in de r.k. kerk op zaterdagavond 7 uur. De kermis begon toen ook op hetzelfde uur. De burgemeester had dit moeten voorkomen. Vanaf 1927 was dit Egon von Bönninghausen. Als maatregel werd vastgesteld: geen kermis op het Kerkplein vanaf de eerste rij bomen; raadsbesluit van 19-12-’28.

Een jaar later in 1929 blijkt dat de burgemeester de kermis toch weer op het hele Kerkplein wil. Hij vindt dat het voordeel voor de neringdoenden teniet zal gaan als het Kerkplein er niet bij wordt betrokken. Dan alleen kan het een grote kermis worden en het is dan ook mogelijk een 2e kermisdag te houden, meent hij.

De gemeenteraad wil echter met 4 tegen 3 stemmen het besluit van 19-12-’28 handhaven, d.w.z. kermis alleen op ’t deel buiten de 1e rij bomen en voorlopig geen 2e kermisdag. Een raadslid motiveert als voorstander: het is ook nog gewijde grond, maar een tegenstander ageert fel: “Er staat ook wel een muziektent en een urinoir”!

Protestvergadering

De burgemeester laat het er echter niet bij zitten en heeft een plan uitgebroed. De neringdoenden voelen zich erg benadeeld door het raadsbesluit en verzoeken een oplossing om te komen tot het houden van een flinke kermis. Hier ziet de burgemeester een kans. Tegen het besluit van 1928 is een grote protestaktie geweest waarbij de gemoederen danig verhit raakten. ’s Maandags voor de raadsvergadering van 11 okt. ’29 hadden belanghebbenden en neringdoenden n.l. een protestvergadering gehad bij Luttikhuis, waarbij ook de burgemeester aanwezig was, die daar openlijk ageerde tegen het besluit van de Raad waarvan hij zelf voorzitter is. Deze vergadering was bijeen geroepen door de stadsomroeper (Bodde), die in dienst van de gemeente is! Ook deze extra openbare raadsvergadering had op deze wijze veel publiek doen opdagen, terwijl normaliter deze vergaderingen bekend werden gemaakt in het publicatiekastje aan het stadhuis.

In het adres van een commissie uit de eerstgenoemde vergadering bij Luttikhuis wordt gepleit voor gebruik van het hele Kerkplein. Motivering: vroeger werd het ook in de buurt van de kerk gehouden omdat de kermis of jaarmarkt tevens een kerkelijk en godsdienstig karakter droeg.

Het besluit houdt in:
a. ook vermakelijkheden achter de eerste bomenrij;
b. instelling van een tweede kermisdag.

Met betrekking tot deze vergaderingen en de rol van de burgemeester daarin, is dit op zijn zachtst gezegd een vreemde gang van zaken.

Wethouder R. veegt de burgemeester dan ook behoorlijk de kast uit over zijn handelwijze, allereerst om door deze aktie raadsleden te beïnvloeden hun stem anders uit te brengen dan ze gedaan hadden en ook over het feit dat de kermis begon, gelijk met een godsdienstoefening in de r.k. kerk werd hem danig verweten. De Raad bleek verder helemaal niet tegen een grote kermis te zijn. Als o.a. de dode bomen op de veemarkt zouden worden gekapt, kwam er al veel meer ruimte voor vermakelijkheden vrij. De Raad is dus voor een grote kermis: “hoe drukker hoe liever.”

Uiteindelijk wordt het concept-besluit van B. en W. in stemming gebracht. Een raadslid begrijpt het voorstel met ontwerp-besluit nog niet geheel goed en wenst dat de voorzitter “het in het plat zal herhalen”, maar zegt tenslotte: “Ik stem tegen plaatsing van kermisvermakelijkheden op het Kerkplein en verder kan men doen wat men wil.”

Het voorstel wordt verworpen met 4 stemmen tegen en 3 voor. Wij weten nu wat er van is gekomen: er is nog steeds geen kermis op het Kerkplein (alleen de jaarmarkt), er is geen tapverbod meer en Ootmarsum viert wel twee dagen kermis, maar de eigenlijke kermisdag voor de Ootmarsummers is toch de vrijdag!

Samenstelling G.F. Klaas.

Oorspronkelijke bron
Jaarboek Heemkunde 1986, pagina 12: Gustaaf Klaas: Verhitte gemoederen rond de Koale Karmis

Dit artikel toont de tekst van de oorspronkelijke publicatie in het jaarboek. De opmaak kan voor deze webversie licht zijn aangepast. Veel afbeeldingen in deze artikelen zijn 'aanklikbaar', waarna een uitgebreidere beschrijving wordt getoond.

Ga naar de inhoudsopgave van 1986 →
Gustaaf Klaas: Verhitte gemoederen rond de Koale Karmis
2026-10-24 04:12:46