Fa. Meijer & Brunninkhuis manufacturen en koloniale waren
Toen in onze regio de eerste spoorwegen werden aangelegd, auto’s nog een zeldzaamheid waren, Jelle Troelstra lid van de Tweede Kamer werd, poseerde in Ootmarsum Johan Brunninkhuis met vrouw, dochter en dienstmeid in vol ornaat voor zijn huis aan de Grotestraat. De plek waar nu huisnummer 26 is te vinden.
Johan Brunninkhuis was een veelzijdig man. De dochters dreven het kleine café-biljart, dat via een stenen trapje aan de Kapelstraat te bereiken was, moeder Brunninkhuis dreef de kleine galanterieën- en stoffenwinkel die uitnodigde tot een bezoek middels de met fraaie gietijzeren kledinghaken versierde hoge voordeur, waaraan de laatste modische aanwinsten speelbal van de wind werden.

Familiehuis Brunninkhuis
Fa. Meijer en Brunninkhuis aan de Grotestraat.
Links: opkamer met café-biljart met ingang aan de Kapelstraat.
Rechts: winkel met galanterieën en comestibles, manufacturen, petten en hoeden.
Achter: werkplaats voor klein timmerwerk en opslag van petroleum, stroop e.a. los goed.
PERSONEN van links naar rechts:
Opa en oma Brunninkhuis, tante Mietje – trouwde later met Meijer – dienstbode.
WONINGEN: Huis Brunninkhuis – Grimberg – Tonja huis Brunninkhuis – Smellink – Bloemen.
Johan Brunninkhuis werd in de wandelgangen „Jan Tik” genoemd. Dat vond zijn oorzaak in het timmermanshandwerk dat hij op lokatie bij de verschillende klanten en in zijn kleine werkplaats achter de winkel uitvoerde. Een werkplaatsje waarover hij helaas niet alleen mocht beschikken, maar werd gedeeld met vaten stroop en petroleum waaruit dagelijks werd getapt en… met een varken.
Johan Brunninkhuis was al oud toen de foto werd gemaakt. Het was maar goed dat een van zijn dochters verkering had met een knaap, die wel iets zag in Ootmarsum en zijn handel. Het was een Duitser: Heinrich. Na zijn huwelijk met Aleida wilde hij toch wel een dikkere vinger in de pap en werden de nieuwe en oude familienaam samengevoegd tot Meijer & Brunninkhuis. De andere dochters trouwden ook en uit het huwelijk van Heinrich en Aleida werden drie dochters geboren. Het waren struise dames, die Tonia, Mietje en Aleida. De jonge Aleida vond na verloop van tijd de weg naar Nijmegen en trouwde met aannemer Kropman. Tonia en Mietje bleven tot hun dood: struise dames. Heinrich legde zich meer toe op de manufacturen en volgde de weg van zoveel avonturiers in het Duitse grensgebied: hij werd een soort Tuote, een handelsreiziger. Niet zoals de Lampe’s, de C. en A. Brenninkmeijers etc., nee, hij bleef in de regio.
Als de knoppen weer aan de bomen kwamen en als de bladeren vielen dan maakte Heinrich met zijn herdershond zijn ronde naar Lattrop, Denekamp, Breklenkamp, Uelsen, Neuenhaus, Lage, Manderveen, Vasse, om dan na een tocht van meerdere dagen weer thuis aan te komen met een gevuld orderboekje, want het was geen SRV in die tijd. In pakken en koffers werden stalen en monsters meegevoerd die op menige keukentafel in de voorkeuken van de boerderij naast het bakje koffie het onderwerp van onderhandelingen waren. „Een piloose bokse, manchester veur ’n manleuböös”, Engelse hemden, stoffen voor stromatrashoezen, schortenstof, het Jansen en Tilanus rheumaondergoed compleet met klap, het was een verzameling monsters waarop moeder de vrouw haar bestelling opgaf. „Gef meer nen meter van dit en ne el van dat”. Zo kwam het dat thuisgekomen, Heinrich en Aleida druk in de weer moesten met het gereed maken van de bestellingen. Per klant werden pakketten gemaakt met een stevig touw er om.
„Bod gewn an de zeilwaagn” was de volgende stap. En zo kwam het dat met paard en wagen op zondagmorgen naar verschillende café’s in de hele omtrek pakketten werden gebracht met bestellingen. Dat was toen niet van: hier pak aan. Neen, bij Kleissen of de Meijer, of hoe ze allemaal ook mochten heten, werd keurig voor de besteller een borreltje goed gemaakt en kwam de familie na de kerk de bestelling afhalen in het café, dan dronk men gemoedelijk dit borreltje en betaalde de goederen als Heinrich bij de volgende tocht, dus na ’n half jaar weer langs kwam.
Aleida was inmiddels getrouwd in Nijmegen en bracht regelmatig een bezoekje aan Ootmarsum. Het huis aan de Grotestraat raakte in verval en de ambities van Heinrich gingen zo ver dat een nieuw pand op de verlanglijst stond. Tijdens een gezellige zondagse theevisite onder de fruitbomen in het tuintje aan de Westwal is waarschijnlijk de beslissing gevallen. Aannemer Kropman uit Nijmegen moest maar een nieuw huis bouwen. Als grote opdrachten voerde hij de bouw uit van hele straten in Nijmegen en omstreken en voor de familie was er beslist wel een huisje tussenuit te peuteren. In 1908 werd de opdracht gegeven en begin 1909 vertrok een karavaan van 12 wagens, getrokken door paarden van Nijmegen naar Ootmarsum. Alle onderdelen van een winkel-woonhuis dat – als dit er niet tussen was gekomen – ’n pand in een willekeurige Nijmeegse straat was geworden, werden aangevoerd: kozijnen, stenen, deuren, balken, tot aan schelpenzand toe.
Het was ongelofelijk voor die tijd, maar in twee maanden ”stond” het. Weliswaar nog niet helemaal afgewerkt, maar het was wind- en waterdicht. Een erker met balkonnetjes, puntdakjes, gekleurd glas en groot boven in de gevel: M. & B. plus het jaartal 1909.

Hier konden Heinrich en Aleida uit de voeten! Helaas niet lang. Heinrich kreeg suikerziekte en moest een been missen. Zijn jaarlijkse tochten werden per jaar een zwaardere opgaaf. Het huwelijk bleef kinderloos, zodat de opvolging een probleem werd. Op een goede dag verzuchtte Heinrich: We moeten onze Gerhard toch maar eens vragen. Vanuit het stamhuis, dat in Mettingen stond, waren tal van kinderen over de hele wereld uitgezwermd, Gerhard was een bakkerij in Den Haag begonnen en kon niet klagen over gebrek aan nazaten. Het huwelijk van Gerhard Meijer met Wilhelmine Louise Wallmeier was gezegend met maar liefst 8 kinderen. Tijdens een bezoek van de Haagse familie aan Ootmarsum werd besloten dat Jan Ootmarsum maar moest overnemen.
Amper 15 jaar werd hij in 1915 achter gelaten op Grotestraat 65, de Firma Meijer & Brunninkhuis, Koloniale Waren en Manufacturen, zoals in sierlijke letters boven op de gevel was geschilderd.
Weer vele jaren, als weer de knoppen aan de bomen kwamen en de bladeren vielen, pakte Jan Meijer de fiets om de oude historische ronde te maken. De dames Tonia en Mietje hielpen, nadat in 1930 vader Heinrich en moeder Aleida waren gestorven, een handje mee. Ze namen het er goed van en lieten zich de touwtjes niet uit handen nemen. Een zware tijd voor Jan, die met het Twents niet zo best overweg kon. Nadat hij vlak voor de oorlog trouwde met Sieny Steinmeijer werd de winkel verbouwd en aangepast, kleiner gemaakt eigenlijk, want in de crisisjaren was het moeilijk aan voldoende handelswaar te komen. Na de oorlog werd de ronde naar de vaste klanten weer frequent hervat. Het was een weerzien met de Zandscholtens, Pikkemaats, de Kuiers, Molendijks, Groenevelds, Hulsmeijers, Lelievelds, Tijscholtes, etc.
Vier kinderen werden geboren in oorlogstijd en de zaken gingen slecht. Toen Jan, weer eens op pad, zijn boterhammetjes zittend onder een boom langs de weg naar Breklenkamp, oppeuzelde, nam hij het besluit het nageslacht indringend te polsen over een voortzetting van zijn werkzaamheden. Zo kwam het dat ik voorjaar 1960 tegenwinds op de pedalen in het kielzog van mijn vader de getuige mocht zijn van een koopmansronde. Roggebrood met spek bij Zandscholten, gebakken ei bij Kuier, een paar schorten bij Molendijk en alleen een praatje bij Groeneveld. Het was een ervaring die indruk bij me heeft gemaakt. Geen ambities gewekt! Het is helaas bij die ene keer gebleven.
Steeds als ik weer eens in Noord Oost Twente ben, dan bekruipt me weer dat gevoel van nostalgie. Een gevoel van een tijd waarin zonder jachten en jagen menselijk contact even belangrijk was als zakendoen.
Rob Meijer.
Oorspronkelijke bron
Jaarboek Heemkunde 1987, pagina 35: Fa. Meijer & Brunninkhuis manufacturen en koloniale warenDit artikel toont de tekst van de oorspronkelijke publicatie in het jaarboek. De opmaak kan voor deze webversie licht zijn aangepast. Veel afbeeldingen in deze artikelen zijn 'aanklikbaar', waarna een uitgebreidere beschrijving wordt getoond.
Ga naar de inhoudsopgave van 1987 →

