’n Proatke met Bennie Heisterkamp

Voor het Pröatke in dit jaarboek ‘transporteren’ we pen en schrijfblok naar de Oostwal. Op deze locatie is de basis gelegd voor een prachtig bedrijf, dat zich anno 2022 tot de grootste transporteurs van Nederland mag rekenen: Heisterkamp Transport. Menig Siepel vervult dat met trots als ze waar dan ook de vrachtwagens van dit Ootmarsumse bedrijf zien. De grondlegger is Antoon Heisterkamp (1903-1976), die in 1919 met paard-en-wagen regelmatig te vinden was in het toen nog rustige straatbeeld van Ootmarsum.

Het geboortehuis van Bennie staat aan de Oostwal. Momenteel is de galerie Art Brut Kik de trotse huurder van dit pand. Het gezin Heisterkamp bestond uit pa Antoon, die trouwde met Jo ten Veldhuis.

Voor mijn moeder was het wel handig dat de kinderen zo snel mogelijk naar school gingen. Ik zat met drie jaar op de kleuterschool vlak naast ons huis. Na de vakantie dacht ik in een ander lokaal te komen net als mijn mede-klasgenoten. De zuster haalde me een aantal keren uit deze klas, want de andere kinderen waren inmiddels vijf jaar en ik nog maar vier. Thuis heb ik tegen mijn moeder gezegd, dat ik niet meer naar school wilde. Ik ging toch nooit over,” lacht Bennie Heisterkamp.
Vakanties in de vrachtwagen
Met veel plezier doorliep Bennie de lagere school en daarna mulo B. “Het was als ik er aan terugdenk, echt genieten. Op de Scheepersschool zat ik, in die tijd heel gewoon, in een volle klas. Er was altijd iets te spelen. Ik was wel iemand, die van uitdagingen hield. Op de fiets er op uit trekken, hutten bouwen en van de kap van mijn vaders vrachtauto maakten we een tent om daarin te spelen. Het bedrijf van mijn vader en moeder liep als een rode draad door mijn jonge leven. Ik heb ook echt wel ervaren wat armoede is en dat je elke cent moest omdraaien. Mijn vader kocht in 1922 al zijn eerste vrachtwagen. Het werd een T-Ford. Hij had een vooruitziende blik en ruilde daarom zijn paard-en-wagen in voor dit vervoermiddel. Hij vertelde later dat hij als één van de weinigen door een nog nagenoeg ‘autoloos’ Twente reed. Zijn klantenkring groeide. Een belangrijke ontwikkeling was ook dat hij contacten kreeg bij de Enschedese Stoombierbrouwerij en de brouwersfamilie Groen uit Groenlo. Uit deze fusie ontstond ‘De Klok’ dat later werd omgedoopt tot Grolsch. Tot op de dag van vandaag is deze bierbrouwerij een belangrijke en zeer gewaardeerde relatie van ons,” vertelt Bennie Heisterkamp. “Ik vond het heerlijk om in ons bedrijf op te groeien en het was dan ook niet verwonderlijk dat ik samen met mijn pa mijn vakanties voor een groot deel doorbracht als ‘bijrijder’. Eigenlijk maakte ik als kind, samen met mijn oudere broer Gerhard, al onderdeel uit van het bedrijf. Het vormde me echt en ik kijk mede daarom terug op een prachtige tijd.”
Op de brommer
Bennie doorliep zonder problemen het onderwijs. De schooltijd combineerde hij met het bedrijf en met zijn vrienden en zeker ook met zijn broer Gerhard. Op de tijden dat het kon waren ze tussen de vrachtwagens te vinden en hielpen mee waar ze konden. “De mulo B doorliep ik in Oldenzaal en iedere schooldag, van maandag tot en met zaterdag, fietste ik naar de Boeskoolstad. Toen ik vijftien was, gaf mijn pa het advies om de brommer van mijn broer mee te nemen. Niet veel later kwam politie Hesselink bij ons aan de deur. De agent gaf duidelijk aan dat ik niet op de brommer mocht rijden, omdat ik nog geen zestien was. In die tijd wisten politieagenten nog van de hoed en de rand en kenden de bevolking van Ootmarsum van jong tot oud en van haver tot gort. Ik kreeg de opdracht om voorzichtig te zijn en ’niet tegen Hesselink aan te rijden’. Dat laatste mulo jaar heb ik dan ook ‘brommend’ af kunnen leggen.”
De eerste auto
Na de mulo wilde Bennie niets liever dan verder gaan in de autotechniek. Daarvoor reisde hij naar Apeldoorn om in die plaats de HTS autotechniek te doorlopen. Voor het eerst van huis en op eigen benen staan. Iedere maandag kreeg hij 25 gulden mee. Hij had daar onderdak en verder moest Bennie zichzelf maar redden. Het kostte hem geen moeite. “Het eerste jaar reed ik op mijn brommertje naar Apeldoorn. Dit keer legaal. Om vijf uur maandagmorgen stapte ik op en bleef daar tot zaterdagmorgen. Vervolgens terug naar Ootmarsum om eigenlijk direct onder de kap van een vrachtauto te duiken, want er viel altijd wel wat te repareren. Ik ben een echte techneut en vond het totaal geen vervelend werk. Als kind kreeg ik op mijn verjaardagen al een boek over techniek of een abonnement op een (vracht)autoblad. Heerlijk vond ik het om daar in te neuzen. Techniek had mijn volledige interesse en dus verliep de studie probleemloos. Op mijn achttiende haalde ik mijn rijbewijs en kocht ik mijn eerste auto. Een Duits merk: Borgward. Ik heb er altijd aan geknutseld. Onderweg hoorde of viel me iets op en thuis zorgde ik dat de auto er niet alleen goed uitzag, maar ook prima liep. Dat heb ik altijd gehad, als je iets hebt of wilt, moet je daar vol voor gaan,” verhaalt Bennie over zijn studiejaren, zijn liefde voor techniek en zijn mentaliteit.
Knip in Heisterkamp
Na twee jaar zijn militaire dienst te hebben vervuld, wilde Bennie solliciteren naar banen, die hem wel wat leken. Zijn pa, maar zeker zijn broer Gerhard haalden Bennie over om in het familiebedrijf bij te springen. “In eerste instantie leek het om een paar maanden te gaan.

“Ik was 23 jaar en kwam terug op het oude nest, maar het leek of ik er nooit was weggeweest. Ook een gevolg van dat ik in de weekenden heel vaak meewerkte en verder werd ik altijd op de hoogte gehouden van het reilen en zeilen in ons bedrijf. Mijn broer en ik vormden een twee-eenheid en vulden elkaar waar nodig aan. Mijn hart lag echter bij het transport, want dat zag ik als een echte uitdaging. Gerhard voelde zich thuis in de drankenhandel, omdat het in zijn ogen meer zekerheid bood. Op een dag kwam dan ook het onvermijdelijke voorstel om een knip te zetten in ons bedrijf.
We hebben daar geen moment woorden, laat staan ruzie over gehad. We maakten een lijstje en hebben dat vervolgens doorgesproken. Links en rechts is er nog wat geschoven en vervolgens regelden we de volgende dag een afspraak met de notaris. Zonder strubbelingen bestond Heisterkamp vanaf 1985 uit twee bedrijven.”
Op weg naar Oldenzaal
Wat velen misschien niet weten is dat Heisterkamp grond had gekocht op de Mors. Het waren twee hectares, die echter nog in de voormalige gemeente Denekamp lagen. Burgemeester Fleers beloofde Heisterkamp om zich hard te maken, zodat het verworven stuk grond de bestemming industrie zou krijgen. “Dat is hem echter niet gelukt,” laat Bennie weten, ”en achteraf ben ik daar niet rouwig om. Als we ons daar gevestigd hadden, betekende dat vele loze kilometers richting de autosnelweg. Oldenzaal was een veel betere en efficiëntere locatie. Natuurlijk deed het pijn, want we waren geworteld in Ootmarsum en dat is en blijft ons stadje.”

Tine komt in het leven van Bennie
Heel veel uren spendeert Bennie in het transportbedrijf Heisterkamp. De vrije uren worden echter ook zeker ingevuld met veel gezelligheid. Op ‘een mooie dag’ klikt het tussen Tine Velers en Bennie Heisterkamp. “Het is mijn eerste en laatste liefde,” laat Bennie spontaan weten. “Vanaf het allereerste begin is zij belangrijk voor mij. Ze gaf me de ruimte om veel energie in het bedrijf te steken, maar wist me ook een aantal keren op het juiste moment af te remmen. Thuis hoefde ik me geen zorgen te maken, want zij regelde het huishouden en bleek voor mij niet alleen een klankbord, maar ook de vrouw, die altijd achter me stond. Een echte steun in de rug en dat voelt nog steeds heel erg goed.”
Ze trouwden in 1972 en het zal geen verrassing zijn dat de trouwauto een prachtige oldtimer was. Ze woonden na hun huwelijk op de benedenverdieping van het ouderlijk huis aan de Oostwal. Broer Gerhard woonde met zijn vrouw Winy Sanders op de bovenverdieping. Ook dit zegt alles over de bijzondere relatie tussen deze beide broers.
Tine en Bennie worden de trotse ouders van Gerben en Marieke. “Ik kijk met heel veel waardering terug op die periode dat we vanuit het niets met ons bedrijf begonnen. Mijn zussen en broers hebben ook daar een belangrijke rol in gespeeld. Mijn jongste broer Toon heeft bijvoorbeeld ook jaren met hart en ziel voor ons bedrijf gewerkt. Met Tine kreeg ik de kans om met Heisterkamp door te groeien en dat is echt van onschatbare waarde geweest. Ik zei al dat ze me ook afremde, want op een bepaald moment had ik twee telefoons bij mijn bed. Ik wilde bereikbaar zijn als er onderweg iets met één van de chauffeurs of de vrachtwagens gebeurde. Dat was echter niet bevorderlijk voor onze nachtrust, want met de regelmaat van de klok werd ik gebeld en stapte in de auto om ‘ergens’ hulp te bieden. Totdat Tine tegen me zei dat dit niet langer kon. Het kostte nachtrust, gaf stress en dus kreeg ik de opdracht om het anders te regelen. Dat heb ik me goed in de oren geknoopt,” en nog altijd is Bennie blij met dit echtelijk advies.
Nooit ‘echt’ los kunnen koppelen
Ootmarsum is te ‘klein’ en Oldenzaal is de logische volgende stap om Heisterkamp verder uit te laten groeien. De vertrouwde thuisbasis aan de Oostwal wordt ontmanteld, want Bennie vertrekt met zijn vrachtwagens naar de Boeskoolstad en broer Gerhard met de drankenhandel verhuist naar de Mors. Bennie en Tine bouwen een huis op de plek waar het allemaal begon en op deze locatie verschijnt hun ‘kasteeltje’ waar ze jarenlang keihard voor hebben gewerkt. Met twintig vrachtwagens verkast Bennie naar Oldenzaal en twee jaar later zijn het er al vijftig.
“In eerste instantie bivakkeerden we op het Stationsplein. Eén van de achterliggende gedachtes was dat het trailertransport ook op het spoor alleen maar zou toenemen. Het was niet de meest gelukkige periode, want we groeiden daar al heel snel uit ons jasje. Gelukkig waren er in die tijd de ontwikkelingen rondom de A1 om deze door te trekken vanuit Enter/Rijssen via Hengelo en Oldenzaal naar Duitsland. We kregen in Oldenzaal de kans om ons als eerste bedrijf op de Hanze poort te vestigen. Toenmalig burgemeester Nillesen noemde ons in een krantenartikel ‘de trekker’ van de Hanze poort. Dat voelde echt als een groot compliment,” blikt Bennie terug op die eerste Oldenzaalse jaren.

De trucks van Heisterkamp vlammen op de autowegen
In 1970 besluit de familie Heisterkamp om hun vrachtwagens in de kleuren rood-wit-blauw te spuiten. Ton Schulten, destijds werkzaam in de reclamewereld, ontwerpt het logo. De familie koos voor het logo dat hen het meeste aansprak en tot op de dag van vandaag is het embleem intact gebleven. Heel karakteristiek en altijd herkenbaar voor wie dan ook. De trucks van Heisterkamp vlammen op de autowegen. Steeds meer vrachtwagens in deze kleurstelling laten het asfalt onder hun wielen doorglijden. “Ons bedrijf groeide al heel snel uit het jasje. Wij stelden wielen beschikbaar,” legt Bennie uit, “Dat betekent dat wij trucks ter beschikking stelden voor de expediteurs en deze zorgden voor lading en logistiek. Het bleek een gouden greep in de transportwereld. Vanaf de jaren zeventig nam de goederenstroom alleen maar toe en wij groeiden mee. Als Heisterkamp waren wij de eersten, die niet met truck en trailer de ferry naar Scandinavië opgingen. De trailer werd aan boord gezet, de truck bleef op de wal. De chauffeur kon zijn rust pakken en reed vervolgens met een nieuwe lading terug. Wij zorgden er voor dat we in Europa steunpunten kregen en bouwden in Oldenzaal verder aan ons bedrijf. Een andere belangrijke poot is de verhuur van trailers. We zitten nu op zo’n 5000 stuks. Verder handelen we in onze vrachtwagens. Na drie jaar gaan ze bij ons weg, maar niet voor niets, want we weten dat we zuinig zijn geweest op onze trucks. We hebben het onderhoud in eigen hand gehouden en op de Hanze poort staat een zeer modern garagebedrijf met wasstraat, want wij willen dat onze trucks en trailers er prima uitzien en motorisch verantwoord de weg op gaan. Ik heb zelf het voorbeeld mogen geven, want ik was de eerste APK keurmeester van Nederland voor vrachtwagens. APK keurmeester 0001,” laat Bennie Heisterkamp zijn diploma zien. “We vragen ook onze Heisterkamp normen en waarden van onze chauffeurs, die we zelf scholen om goed met de klant om te kunnen gaan.

In 2019 vierden we ons eeuwfeest en dat hebben we alleen maar kunnen bereiken, dankzij een uniek saamhorigheidsgevoel. Mijn vader en moeder legden de basis en de volgende generaties hebben met een vracht vol vertrouwen en ambitie verder mogen bouwen.”
Hart voor het bedrijf

Gerben Marieke Bennie
Hoe waardevol is het dat onze zoon Gerben en onze dochter Marieke de band met het familiebedrijf Heisterkamp een vervolg hebben gegeven. Dat gaf me echt een heel bijzonder gevoel, waardoor ik het ook makkelijker uit handen heb kunnen geven. Mijn kinderen doen het prima en als ik ze in een vergadering zie zitten met Gerben als woordvoerder en Marieke als zijn linker – en rechterhand, dan vervult me dat met heel veel trots.”
Ootmarsum blijft de thuisbasis
Natuurlijk is de verhuizing van transportbedrijf Heisterkamp naar Oldenzaal bedrijfsmatig de juiste keuze geweest. Gevoelsmatig blijft Ootmarsum de thuisbasis. “We zijn in de Siepelstad blijven wonen en ook onze kinderen met hun partners zijn heel betrokken bij hun geboortestek. We hebben Ootmarsum wel zien veranderen. Ik mis de gemoedelijkheid. In mijn beleving, uit mijn jeugdjaren, hielp iedereen elkaar. Het lijkt nu allemaal afstandelijker. Het ergste is ook dat we de fusie met Denekamp en Weerselo kregen opgelegd. ‘Vroeger’ liep je naar het gemeentehuis voor een kort overleg. Ik weet nog dat we ons huis wat verder naar achteren wilden bouwen, maar dat strookte niet met de tekening. Dan legde je dat uit en op die wijze kwam het in orde.


Oorspronkelijke bron
Jaarboek Heemkunde 2022: ’N pröatke met Bennie Heisterkamp, pagina 46Dit artikel toont de tekst van de oorspronkelijke publicatie in het jaarboek. De opmaak kan voor deze webversie licht zijn aangepast.
Ga naar de inhoudsopgave van 2022 →

