
Grotestraat 16
Het pand op Grotestraat 16 (De Stad 38 ) was in 1832 eigendom van de burgemeester van Ommen Willem Arnold van Laer, geboren in Ootmarsum, maar verhuisde naar Hellendoorn, waar hij in 1783 trouwde met Petronella Jacoba Bouwmeester. Het pand is hierna in eigendom overgaan op zijn zoon Abraham van Laer (1787-1867), die in 1817 in Amsterdam trouwde met Catharina Hoefhamer (1793-1870). Later woonde het echtpaar in Rheden en heeft dus nooit in Ootmarsum gewoond.
Wientjes
De woning werd waarschijnlijk al sinds ongeveer 1810 bewoond door de goud- en zilversmid Egidius Wientjes (1775-1858) en zijn vrouw Aldegondis Anna Maria van Loo (1776-1848) waarmee hij in 1795 in Groningen was getrouwd. Waarschijnlijk woonde ook zijn moeder Geertruida Kremers (1742-1822) hierbij in, want zij overleed hier in 1822. Zijn vader was eerder al overleden.
Egidius en Alegonda trouwden in Groningen. Na hun trouwen verhuisde het echtpaar naar Neuenhaus, waar ze drie kinderen kregen: Getrudis Maria (1796-1853), Joannes Ogiduis (*1797) en Bernardus Egidius Antonius (1798-1859). Hierna verhuisde het gezin naar Enschede.
Uiteindelijk verhuisde het echtpaar samen met hun hun dochter Getrudis Maria naar Ootmarsum, waar de ongehuwde Getruda beviel van een dochter, Bernarda Antonia (1819-1836).
De oudste zoon, Joannes Ogiduis Wientjes (*1797), was niet gelukkig in het huwelijk. Zij eerste vrouw Anna Maria Bernhardina Grote (1799-1830) overleed niet lang na de geboorte van hun vijfde kind. Twee kinderen werden ondergebracht bij de grootouders Egidius en Alegonda in Ootmarsum. De jongste dochter Louise Bernardina (1828-1830) overleed daar al na enkele maanden. De zoon Egidius Georgius Antonius (1821-1884) was 9 jaar oud toen hij bij zijn grootouders ging wonen en werd later een bekende bakker (en herbergier) in Ootmarsum.
Na het overlijden van de eerste vrouw van Joannes Ogiduis, hertrouwde hij nog driemaal; zijn tweede en derde vrouw overleden niet lang na hun huwelijk.
Een kleindochter van Egidius en Alegonda, Johanna Christina Wientjes, trouwde later met onderwijzer Alexander Jacobus Verkuijl en woonde later op dit adres (zie hier).
In 1848 werd de woning verkocht aan de wijnhandelaar Willem Jacob Santman (1841-1913). Santman woonde zelf twee huizen verder op Grotestraat 12. Zijn moeder Johanna Hermanna Menger (1812-1888) verhuisde hier in 1877 naartoe.
Kooken
Vanaf ongeveer 1860 woonde hier het gezin van Hendrikus Kooken (1820-1901). Hendrikus was calicotwever en landbouwer en was in 1842 getrouwd met de in Deventer geboren Johanna Horn (1810-1892). Het echtpaar had drie kinderen.
In hetzelfde pand woonde ook van 1864 tot 1870 de ongehuwde rijksambtenaar Jan Thomas Vogel (1830-1892) en zijn moeder, de weduwe Maria Josepha Leopolda de Saroleade Cherathe (1790-1881).
Van 1875 tot 1877 woonde hier het gezin van ambtenaar Louis Stotijn (1834-1901) en Berendina ter Brugge (1843-1888). Zij kwamen uit Weerselo en vertrokken in 1877 naar Ommen.
In 1877 kwam hier de weduwe Johanna Hermanna Santman-Menger (1812-1888) wonen. Haar zoon was de eigenaar van dit pand en ook van Grotestraat 12.
Verkuijl
In 1896 werd de woning verkocht aan de onderwijzer Alexander Jacobus Verkuijl (1841-1925). Alexander trouwde in 1864 met Johanna Christina Wientjes (1838-1904), een kleindochter van Egidius Wientjes en Aldegondis Anna Maria van Loo. Het echtpaar heeft tot 1870 gewoond in Borne en verhuisde daarna naar Ootmarsum. Eerst woonde het gezin aan de Westwal, ter hoogte van het Stadshotel en ging kocht pas in 1896 dit pand, waar haar grootouders lange tijd hebben gewoond en waar haar neef Egidius Georgius Antonius is opgegroeid.
Hedeman
In 1908 werd de vleeschhouwer Hartog Hedeman (1866-1943) de nieuwe eigenaar. Hartog was in 1905 in Amsterdam getrouwd met de in Amsterdam geboren Judith de Vries (1868-1938). In 1920 verhuisde het gezin naar Amsterdam. Hartog is later als oorlogsslachtoffer overleden in Sobibor.
In 1921 kwamen hier na hun huwelijk Harry Buijvoets (1885-1967) en zijn bruid Trui Brandehof (1887-1960) te wonen.
Drogisterij Heupink
In 1929 kocht Antoon Heupink (1891-1972) dit pand. Samen met zijn broer Gerard had hij hier een schildersbedrijf. In 1922 zette hij samen met zijn zus Truus Heupink (1881-1972) deze drogisterij op. Een bijzondere combinatie, maar dit werd in die tijd vaker gedaan.
Nadat Antoon in 1925 trouwde met Willemien Bloemen (1897-1972), trok Truus zich terug uit de zaak.
In 1956 werd dit pand afgebroken om plaats te maken voor een geheel nieuw pand. Op 5 november 1958 werd de zaak heropend door hun zoon Johan Heupink (1927-1991). Samen met zijn vrouw Rie Mollink (1929-2017) zette hij de zaak voort.
Johan overleed onverwacht veel te jong 1991. Zijn vrouw zette de winkel voort, die werd geleid door Mardi Koopmans. In 2003 werd de winkel gesplitst. Mardi ging met de DA drogisterij verder in de Grotestraat 8. Na het openen van de DIO drogisterij aan de Meierij, heeft ze in 2005 een ander soort winkel geopend: Happiness waar trendy tassen, schoenen etc. werden verkocht. Het was zo’n succes dat in 2008 het pand Grotestraat 8 werd betrokken.
In dit pand zit tegenwoordig de damesmodezaak Belmondo Mode
Lees meer in het boek van de BMS: Verdwenen winkels in Ootmarsum
Herkomst: Herman Steigstra
Datum: ± 2020


