
Marktstraat 7
Rummel
De eigenaar van deze woning met het kadastrale nummer A635 was de in Munster (D) geboren apotheker en vroedmeester Ferdinand Rummel (1760-1834). Hij was in 1788 getrouwd met de in Tubbergen geboren Femia Scholten (1762-1827). Het echtpaar kreeg 5 kinderen.
Hun zoon Joannes Bernardus Ernestus Rummel (1805-1855) werd ook heel- en vroedmeester en bleef hier tot zijn overlijden in 1855 wonen. Daarna werd zijn ongehuwde zuster Maria Rummel (1794-1870) de nieuwe eigenaar. Volgens het bevolkingsregister was zij grondeigenaretje. Tot haar overlijden in 1870 woonde ook haar nicht Euphemia Meers (1836-1906) hier. Zij werd na het overlijden van Euphemia de nieuwe eigenaar, maar ze verkocht het pand het jaar daarop al aan haar overbuurman Brogholter.
Brogholter
In 1871 werd de woning gekocht door de winkelier Joseph Brogholter (1814-1871). In datzelfde jaar overlijdt Joseph Brogholter en wordt zijn zoon Philip Brogholter (1850-1920) de nieuwe eigenaar. Philip was ziekenoppasser en verhuisde in 1872 naar Amsterdam waar hij trouwt.
Oosterwijk
In 1874 wordt de woning verkocht aan de winkelier Johannes Kornelis Oosterwijk (1847-1909), die in het jaar ervoor de winkel aan de overkant had gekocht: Markstraat 4. Oosterwijk gebruikt het pand als pakhuis, waarschijnlijk voor graan. Zijn zoon Gerrit Hendrik Oosterwijk (1879-1920) wordt in 1911 de nieuwe eigenaar. Hij is winkelier en graanhandelaar. Na zijn overlijden in 1920 worden zijn weduwe Johanna Susanna Bernardina Uges (1878-1949) en de minderjarige zoon Joop Oosterwijk (1910-1944) de nieuwe eigenaren, het gezin vertrekt naar ’s-Gravenhage en het pand wordt verkocht aan Albertus Johannes Raatgerink (1875-1920) die datzelfde jaar overlijdt.
Van Guldener
Johanna Catharina Aleida van Guldener (1895-1955) wordt in 1921 de nieuwe eigenaar van het pakhuis, dat daarna weer de bestemming huis en erf krijgt. Johanna was de dochter van winkelier Nicolaas van Guldener (1840-1899) en zijn tweede vrouw Gezina Eppink (1859-1918), die hun kruidenierswinkel hiernaast op nummer 9 hadden. Na het overlijden van haar vader hertrouwde haar moeder met Jacobus Hendrikus Nicolaas Muurlink (1853-1921) en met hun drieën runden ze de winkel.
Na het overlijden van haar moeder in 1918 en haar stiefvader in 1921 trouwt Johanna met de wagenmaker Jan Rolink (1882-1968) en met z’n tweeën zetten zij de kruidenierswinkel voort. Het echtpaar kreeg 8 kinderen en verhuisde in 1928 naar de woning aan de Ganzenmarkt, die bekend stond als Essinks Catootje
Beld
In 1938 werd de winkel overgenomen door Jan Beld die in dit pand samen met zijn vrouw Truus Kunne niet alleen een kruidenierszaak runde, maar ook vele andere artikelen verkocht. Jan had ook een fietswerkplaats aan de Denekamperstraat.
In 1972 is het pand verkocht aan de familie Tijhuis. Sylvia Tijhuis heeft hier na een ingrijpende verbouwing een modezaak.
Herkomst: Herman Steigstra
Datum: ± 2020


