
Putstraat 2
Keijler
Tot zijn overlijden in 1830 was de koopman Adolph Keijler (1762-1830) eigenaar van de percelen met de kadastrale nummers A695 en A696. Hij was getrouwd met Arnolda Overbeek (1756-1816). Links was hun woonhuis en rechts stond een pakhuis.
Hun zoon Lambert Keijler (1792-1833) bleef hier wonen en werd ook winkelier/koopman. Hij trouwde in 1828 met Gerharda Cramer (1795-1874). Na het overlijden van haar schoonvader in 1830 erfde zij de woning. Kennelijk was haar echtgenoot Lambert Keijler in slechte gezondheid, want hij overleed in 1833.
Het pand rechts (Kloosterstraat 1) was destijds een pakhuis met het kadastrale nummer A695 ter grootte van 118 m2. Het was ook eigendom van de familie Keijler.
Ubbink
Op dit adres woonden ook de broers Jan (1816-1845) en Gerd Hendrik Ubbink (1812-1891). Zij waren winkelbedienden. Het lijkt er dus op dat dit pand in die tijd winkel was. Na het overlijden van haar man Lambert Keijler , hertrouwde Gerharda Cramer in 1843 met de oudste van de twee winkelbediendes: Gerd Hendrik Ubbink.
In 1872 werden het pakhuis en de woning samengevoegd tot het nieuwe kadastrale nummer A1695. Het pand rechts op de kaart is het toenmalige Ambachtshuis.
Na het overlijden van Gerharda Cramer werd Gerd Hendrik Ubbink de eigenaar, samen met een neef van Gerharda: Gerhard Hendrik Cramer (1853-1926), notaris in Blokzijl (er waren geen kinderen). Hij hertrouwde in 1875 met Willemina Bloemen (*1818). Ubbink was ook mede-eigenaar van het onroerendgoed wat nu Radboud Internaat is.
Na het overlijden van Gerd Hendrik Ubbink in 1891 verhuisde Willemina Bloemen (*1818) in 1892 naar Schuttdorf in Duitsland.
Warnink
In 1894 komt het pand in handen van de priester Gerhardus Warnink (1848-1914). Hij kocht het kennelijk voor zijn jongere broer Johannes Warnink (1855-1929) die in dat jaar trouwde met Johanna Gerhardina Heijmerink (1860-1924) uit Hengelo. Er werden vijf kinderen geboren, waarvan er drie overleden voor hun eerste verjaardag.
Johannes Warnink was tot zijn trouwen landbouwer en vanaf 1894 was hij bakker. Uit de kadastrale gegevens van de kostschool/bewaarschool is af te leiden dat er achter het hoofdgebouw een bakkerij lag (nummer A1693). Het is dus aannemelijk dat Johannes Warnink hier zijn bakkerij had, waarschijnlijk zowel ten behoeve van de bewoners als voor de inwoners van Ootmarsum.
Meisjesschool
Via Gerard Kerkhof Jonkman is het pand in 1926 verkocht aan de O.L.V. stichting gevestigd te Ootmarsum, die hier in 1927 de meisjesschool of Jozefschool bouwde.
In 1973 werd de gemeente Ootmarsum eigenaar van de percelen tussen de Putstraat en Kloosterstraat. In 1976 werd de school gesloopt en de grond werd herverdeeld om in 1980 drie woningen te bouwen.
Links werden Gerard Heisterkamp en Mietsie Sanders eigenaar van de woning Putstraat 2 met het kadastrale nummer A3740 . In het midden werden Hans Oude Breuil en zijn vrouw Gerrie Snijders de eigenaren van Kloosterstraat 1 met het kadastrale nummer A3741. Rechts werden Wim Morsink (1917-1996) en Riek Sleiderink (1923-1998) eigenaar van Kloosterstraat 3 met het kadastrale nummer A3742.
Herkomst: Herman Steigstra
Datum: ± 2020


