
Borgstadweg 5
Erve Smithuis
De bijnaam Smithoes voor dit erf aan de huidige Borgstadweg 5 dateert vermoedelijk van 1754. In dat jaar trouwt Berend Smits (*1725) met Gertrudis Scheper (1731-1814) en samen trekken ze in de boerderij. Beiden zijn afkomstig uit Lutken Agelo. Ze krijgen samen zeven kinderen, die de achternaam Smithuis of Smithuijs dragen. Na het overlijden van Berend Smits hertrouwt Gertrudis in 1773 met Hermannus Roelink uit Volthe. Er worden nog drie kinderen geboren, die ook de naam van het erf krijgen.
Tijdens de Volkstelling 1795 bestaat het huishouden van Gertrudis, Geertruij Smithuis, uit zeven personen. Twee kinderen zijn inmiddels getrouwd en het huis uit. Enkele kinderen zijn vermoedelijk al op jonge leeftijd overleden.
In 1832 is zoon Albertus Smithuis (1777-1857), uit het 2e huwelijk, eigenaar van het huis en erf, 1610m2 groot, met perceelnummer B344. Hij is timmerman en in 1819 gehuwd met Euphemia Holtwijk (1799-1851), ook Oude Holtwijk, Maaiink genoemd. Zij is spinster en geboren in Groot Agelo. Het echtpaar Smithuis-Holtwijk krijgt zes kinderen. In de loop der tijd is Albertus landbouwer geworden getuige de geboorteakten van enkele van zijn kinderen.
Na het overlijden van hun vader Albertus in 1857 krijgen Gerrit Jan Smithuis (1823-1878) en zijn broers en zussen het vruchtgebruik van de boerderij. In 1870 wordt broer Jan Hendrik Smithuis (1825-1897) eigenaar van de boerderij. In datzelfde jaar overlijdt zijn vrouw Suzanna Broekhuis (1848-1870), een maand na de geboorte van hun eerste levenloos geboren kind. Twee jaar later bouwt Jan Hendrik een nieuwe boerderij op de plek van een voormalig stukje bos, dat naast de oude boerderij lag. Dit huis en erf krijgt het kadasternummer B1468. Het oude huis wordt afgebroken.
In 1897 overlijdt Jan Hendrik, waarna zijn jongste broer Albert Smithuis (1838-1917) de boerderij erft. Albertus is op dat moment woonachtig op het Oude Toenink (Weerselosestraat 27wei met zijn vrouw Johanna Meijer (1853-1921), met wie hij een jaar ervoor op 57-jarige leeftijd is getrouwd. Zij had al zes kinderen uit haar eerdere huwelijk met Bernardus Burink (1850-1894). In 1896 zijn hiervan nog een zoon en drie dochters in leven.
Burink
Vermoedelijk is Albertus Smithuis na de sloop van boerderij het Oude Toenink in 1899 met zijn vrouw Johanna en vier stiefkinderen Burink teruggegaan naar zijn ouderlijk huis.
Rond 1900 wordt het huis en erf Smithuis samengevoegd met een nabijgelegen weiland. Het nieuwe perceel met kadastraal nummer B1749, groot 4420m2, komt in 1907 door verkoop op naam te staan van de stiefzoon van Albertus, Bernardus Gerhardus Burink (1882-1949). Deze Bernardus Gerhardus is landbouwer en trouwt in 1908 met Johanna Lansink (1884-1960), dienstbode uit Reutum. De naam Burink is een verbastering van Bokering/Beukering en blijft in Agelo gangbaar.
De boerderij krijgt in de loop der jaren een bijbouw (1914) en wordt enkele keren herbouwd.
Burink Hearm
Het echtpaar Burink-Lansink krijgt 5 zonen en een dochter, waarvan de 4e zoon Herman Burink (1917-1982), Burink Hearm, landbouwer, op het bedrijf blijft. Hij trouwt eind jaren veertig met Truus Nijhuis (1921-2019), Burink Truus uit Reutum. Zij krijgen 3 zonen en 3 dochters. Na het overlijden van Burink Hearm in 1982 blijft oudste zoon Jan Burink met zijn vrouw Annie L.M. Brakhuis (1960-2006) en twee kinderen in het voorhuis wonen. Sinds de jaren tachtig zijn de landbouwactiviteiten afgebouwd en is er momenteel geen sprake meer van een boerenbedrijf. Zijn moeder Truus krijgt een eigen woondeel op de boerderij, waar Jan na het overlijden van zijn moeder is gaan wonen. Zoon Roy Burink woont nu in het voorhuis met kadasternummer DNK Q840 (perceelnummer 745).
Herkomst: Herman Steigstra
Datum: ± 2020


