Opmerking

Nijenkampsweg 10

Olde Abrahaminck

Achter de huidige woning van Nijenkampsweg 10 stond vroeger een lijftochthuis aan een inmiddels verdwenen landweg. Dit huis was waarschijnlijk ooit bedoeld voor de ouders van

Nijenkampsweg 10
De oude landweg met erboven het voormalige lijftochthuis (B114), eronder het huis aan de Nijenkampsweg 10
de erfopvolger op het erve Abrahamink, tegenwoordig bekend als Broam. Uit doop- en trouwregisters blijkt dat het later bewoond werd door wonners die het huis pachtten en de naam van het plaatsje overnamen en zich In Olde (A)brahamink gingen noemen. Zo is volgens het RK doopregister van Ootmarsum in mei 1688 Susanna In Olde Abrahaminck (*1688) gedoopt, dochter van vader Jan en moeder Swenne. Het is niet duidelijk of de ouders ook familie waren van het erve Broam.

Rond 1706 zijn Jan Mölman (*1671) uit Volthe en Geesken Abrahamink (*1674) de vermoedelijke wonners. Een van hun kinderen krijgt de achternaam Olde Berhaminck. Ook dragen enkele van hun kinderen de achternaam (ex) Luken Berhaminck (huijs). Waarschijnlijk wordt hiermee hetzelfde huis aangeduid. De naam Luken is vermoedelijk een verwijzing naar Luiken Abrahaminck.

In diezelfde periode wonen ook Aelbert Wicherinck (*1680) en zijn vrouw Geertjen Braeck (*1683) op het Olde Braminck. Twee van hun kinderen worden er geboren. Het is niet met zekerheid te zeggen of bovengenoemde twee gezinnen gelijktijdig in het huis wonen of dat ze er afwisselend woonachtig zijn geweest.

Een zoon van Albertum en Geertjen, Berent uit olde Berhamink (*1711) ook Wiegink genoemd, trouwt in 1836 met Jenne Beijerink en hij blijft, getuige de achternamen van hun 4 kinderen, in het wonnershuis wonen. Bij de Volkstelling van 1748 wonen zij er nog, t.w. Berent met zijn vrouw Jenne, zijn moeder en hun 3 kinderen Janna, Geesjen en Jenneken. Zoontje Albertus, de helft van een tweeling, was vermoedelijk al overleden.

Dochter Janna in oude Abrahaminck (*1736) blijft op haar beurt in het ouderlijk huis wonen. Zij trouwt in 1766 met haar buurjongen Gerrid int Olde Holtwijck (*1735), ook Velthuis genoemd. Zij krijgen er twee kinderen. Hun oudste zoon Willem uit t oude Bramink (1767-1833) woont rond 1795 gedurende een aantal jaren in het wonnershuis met zijn vrouw Euphemia Holtwijk (*1766) en zoon Gerardus in oude Berhamink (1796-1869), zo blijkt uit de Volkstelling van 1795. Hij wordt dan Willem oude Braam genoemd.

Vanaf 1798 is een tijdlang niet duidelijk wie er op het wonnershuis woonachtig zijn.

Gräffner-ter Horst

Tot 1829 was het wonnershuis onderdeel van erve Broam en eigendom van het Kapittel Oldenzaal. In het kadaster van 1832 staat Johannes Gresner, gaarkoker te Amsterdam vermeld als nieuwe eigenaar van het huis en erf, 330 m2 groot, met kadastraal nummer B114. Het blijkt te gaan om Johannes Gräffner (1780-1856), restaurateur, die in 1805 in Amsterdam gehuwd is met Gesina in Oude Westenagel (1779-1835) uit Groot Agelo, ook Gesina te Horst genoemd. In de jaren daarna krijgt het echtpaar 7 kinderen, die allen in Amsterdam geboren zijn. Het is niet bekend of het gezin na/ ten tijde van de aankoop van het huis een tijdlang in Agelo gewoond heeft. In 1835 overlijdt Gesina in Oude Westenagel in Amsterdam.

Teusse

Kadaster 2 - Nijenkampsweg 10In 1846 wordt het huis verkocht aan Gerrit Jan Teusse (1791-1862), landbouwer op erve Broam. In 1873 volgt een kleine uitbreiding van het erf en wordt het kavel onderdeel van kadasternummer B1506.

Na het overlijden van Gerrit Jan Teusse en zijn echtgenote Regina Misdorp (1796-1888) wordt rond 1890 dochter Hendrika Maria Katharina Theuse (1836-1926) de nieuwe eigenaresse. Zij laat het oude wonnershuis slopen en de grond wordt omgezet in weiland met kadastraal nummer B1711.

Rond diezelfde tijd wordt op een aanpalend kavel, B1725, iets dichter bij de huidige Nijenkampsweg een nieuw boerderijtje en erf gebouwd, groot 580 m2. Deze grond was voorheen heide, B1143, en omstreeks 1873 ontgonnen. Het nieuwe wonnershuis wordt verhuurd. Vermoedelijk woont landbouwer Johannes Borggreve (1830-1883) ook Spit genoemd, er met zijn vrouw Gezina Hofstee (1812-1869). Rond 1900 gaat Gradus Nijhuis (1850-1925), afkomstig van het Olde Wiegert er wonen met zijn vrouw Geertruida Roelink (1852-1921) en 4 kinderen.

Olde Meule - Dika

Na het overlijden van het echtpaar Nijhuis worden Herman Olde Meule (1899-1969),Troest Herman, en zijn vrouw Dika Venhuis (1897-1980), Dika, in 1927 de nieuwe huurders van het wonnershuis. Herman was afkomstig uit Oud-Ootmarsum, van ’n Steenplas. Dika was geboren achter het Kanaal op het erve Woonderboer, Voltherbroekweg 4 en was reeds voor 1920 als dienstmeid werkzaam bij erve Broam. Het echtpaar krijgt samen 2 dochters en 2 zonen.

Eigenaresse Hendrika Maria Katharina Theuse overlijdt ongehuwd in 1926. Haar neef, Johan Scholten Linde (1900-1972) uit Volthe, wordt de nieuwe boer het erve Broam. Hij erft tevens het wonnershuis. In 1936 voegt hij grond toe aan het erf en krijgt het kavel het kadasternummer B2068.

Geerdink

Eind jaren zestig verkoopt Johan Scholten Linde het wonnershuis aan de dochter van Nijenkampsweg 10 Dika, Riky Olde Meule en haar man Jan Geerdink (1941-2020), Hams Jan. Links naast het oude boerderijtje bouwen Riky en Jan een nieuwe woning aan de Nijenkampsweg, 1850m2 groot met kadastraal nummer B2237. Het oude wonnershuis wordt vervolgens afgebroken. Het echtpaar krijgt er drie kinderen. Dika blijft tot haar overlijden in 1980 bij haar dochter inwonen.



Herkomst: Herman Steigstra

Datum: ± 2020
2026-04-06 23:25:45