Theodorus Gerhardus Wilfride Oude Elberink

Theodorus Gerhardus Wilfride (Theo) Oude Elberink (1941-2023)
Partner: A.M.

Theodorus Gerhardus Wilfride Oude Elberink
Theodorus Gerhardus Wilfride Oude Elberink

 

Ootmarsum en Oldenzaal hebben veel te danken aan Theo Oude Elberink (1941-2023): man met sociale inborst

In oktober ging hij nog met zijn hele gezin op een uitgestelde vakantie naar Malta. Zoals ze dat veel vaker deden. Dochter Hanneke had alles geregeld. En wat hebben ze genoten van deze gezamenlijke vakantie en van elkaar:Theo Oude Elberink (1941-2023)  en Agnes Meijerink, hun kinderen Hanneke en Gijsbert met aanhang en hun vijf kleinkinderen. En Theo misschien nog wel het meest. Het zou hun laatste gezamenlijke vakantie zijn. Want Theo Oude Elberink overleed maandagmiddag thuis op de Stobbenkamp in aanwezigheid van iedereen die hem lief was. Hij zou in juli 82 zijn geworden.
Zijn overlijden kwam niet geheel onverwacht. Theo was immers ongeneeslijk ziek. Zijn gezondheidstoestand ging de laatste maanden steeds verder achteruit. ,,Hij moest steeds meer inleveren”, vertelt echtgenote Agnes. ,,Op het laatst ging het niet meer. Theo wist dat zijn einde naderde, hij had er vrede mee. En dat geldt ook voor ons.”

 

Voor Ootmarsum

Met het overlijden van Theo Oude Elberink is opnieuw een markante Ootmarsummer in hart en nieren heengegaan. Niet iemand die overal met het gezicht vooraan stond maar wel nadrukkelijk op vele fronten in de plaatselijke gemeenschap een rol speelde. Als het maar in het belang van Ootmarsum was, want dat stond bij hem wel altijd voorop. Hij schuwde daarbij niet om zijn mening te uiten en daarmee niet zelden zijn hoofd boven het maaiveld uit te steken. Dat niet iedereen het altijd met hem eens was, nam hij dan voor lief. Theo deed het immers niet voor zichzelf.
Waardering
Hij kon het altijd enorm waarderen wanneer iemand zich op welke manier ook inzette voor de Ootmarsumse zaak. Theo had daar respect voor en dat liet hij ook altijd blijken. Zoals hij ook trots was op zijn afkomst; zijn vader – ‘de Herder’- werkte heel zijn leven als tuinman in dienst van de zusters van het klooster Maria ad Fontes. Als kleine jongen kende de grote kloostertuin geen geheimen. Na de middelbare school ging hij in afwachting van een baan aan de slag als boerenknecht. ,,Tijd om te lummelen was er niet”, vertelde hij vaak. Zijn eerste baan was op de administratie van een textielfabriek in Enschede. Hij leerde er veel op het gebied van financiën. Dat zou hem later goed van pas komen. Daarna verhuisde hij naar de administratie van Polaroid. Zijn bazen vertelden hem dat hij naar het Westen moest gaan, wilde hij carrière maken. Theo dacht daar anders over: ,,Dat kan hier in Twente ook.”

 

Samenwerken

En hij maakte zijn woorden meer dan waar. Van Polaroid maakte hij de beslissende stap in zijn nog jonge leven om in 1969 als administrateur te gaan werken bij de Oldenzaalse bouwvereniging Sint Joseph. Theo zou er nooit meer weg gaan en was helemaal op zijn plaats in Oldenzaal waar hij de ontwikkeling van deze stad niet alleen van nabij meemaakte maar er ook grote invloed op had. Al gauw na zijn komst begon Sint Joseph samen te werken met Openbaar Belang, de andere bouwvereniging in Oldenzaal. Sint Joseph had het personeel en Openbaar Belang de machines. Theo Oude Elberink wist als geen ander van de voordelen van samenwerken. Nadat hij in 1974 was benoemd tot directeur van Sint Joseph werden in 1978 beide bouwverenigingen ondergebracht in de Stichting Samenwerkende Bouwverenigingen Oldenzaal (SSBO). In het begin van de jaren 80 volgde de fusie tot de Woningbouwvereniging Oldenzaal (WBO).
Hart voor huurders
Theo Oude Elberink heeft veel betekend voor de sociale woningbouw in Oldenzaal. Namens de bouwverenigingen was hij betrokken bij grote nieuwbouwprojecten in de wijken de Thij en de Essen. Maar Theo liet ook zijn oog vallen op de binnenstad van Oldenzaal. Hij wist dat er grote behoefte was aan wonen in de binnenstad en speelde daar op in. Hij verwierf gronden in de binnenstad ten behoeve van sociale woningbouw. Het ministerie van volkshuisvesting was het lang altijd niet eens met Theo Oude Elberink maar deze liet zich daar niets aan gelegen liggen. Hij had hart voor de huurders.

Vijfhoek

Een van zijn eerste grote successen betrof de woonruimte boven het in 1980 geopende winkelcentrum In den Vijfhoek. De winkels liepen als een trein maar de woningen bleken onverkoopbaar. Theo kocht ze van de projectontwikkelaar, deelde ze in tweeën en maakte er zogeheten Van Dam-eenheden van voor jongeren en alleenstaanden. Ze gingen als warme broodjes over de toonbank. Later volgden nog andere grote projecten zoals onder andere ’n Bleekerd en het voormalige klooster aan de Gasthuisstraat. De sociale woningbouw in Oldenzaal floreerde; collega-bouwverenigingen en het ministerie keken verbaasd toe.

 

Geluidsisolatie

Ook bij de isolatie van woningen in Zuid-Berghuizen tegen het vliegtuiglawaai van de Vliegbasis Twenthe lieten Theo Oude Elberink zich gelden. Het ministerie van defensie stelde vele miljoenen beschikbaar. Toen alle huurwoningen waren geïsoleerd zouden de particuliere woningen aan de beurt komen. Het geld van Defensie was er maar het ministerie van Volkshuisvesting lag dwars: ‘Dit is geen taak voor een bouwvereniging’, kregen Theo Oude Elberink c.s. te horen. Reden voor Theo om in 1984 voor de isolatie van particuliere huizen een zelfstandig bedrijf op te richten: het ingenieurs en architectenbureau Nibag. Deze afkorting staat voor: Nationaal Instituut Begeleiding en Advisering Geluidsisolatie. Theo werd directeur en bleef dezelfde functie ook houden bij de WBO. Het ambitieuze Nibag deed goede zaken in Oldenzaal maar ook bij de vliegbases in Leeuwaren, Soesterberg en Volkel.

 

Sociale inborst

Theo Oude Elberink voelde zich als een vis in het water bij de WBO en het Nibag; hij was er helemaal in zijn element. Hij kon er zijn visie op tal van terreinen kwijt. Daarbij manifesteerde hij zich als een directeur die voor iedereen goed was. Hij kreeg daarbij de onontbeerlijke steun van de staf bestaande uit Bert Hoveling, Frits Goossens, Auke Oosten en Ine Jorna. Illustratief was dat de deur van zijn kantoor altijd openstond. Iedereen kon bij hem terecht. En omgekeerd kon Theo ook terecht in de werkplaats. Hij was er altijd welkom voor een praatje en een kopje koffie; hij voelde zich er thuis. Van het personeel geen kwaad woord over Theo. Niet alleen voor de woningbouw was hij sociaal en betrokken maar zeker ook voor zijn personeel. Deze sociale inborst was typerend voor Theo.

 

Gouden greep

In 1998 ging Theo met pensioen en werd hij opgevolgd door Peter Pels. Niet veel later verkocht hij ook het Nibag; aan NykampNyboer van Erik Nijkamp en Bert Nijboer. Theo Oude Elberink had de handen weer vrij en keek om zich heen in Ootmarsum of daar niet wat te doen was. En dat was er genoeg. Hij hield zich onder met bezig met de zogeheten centrumuitbreiding; anders gezegd, met het winkelcentrum De Meierij. Samen met onder anderen met de laatste burgemeester van Ootmarsum Peter van den Baar en directeur Coen Hamers van woningstichting Dinkelborgh zorgde hij ervoor dat het zorgcentrum Huize Franciscus behouden bleef voor het stadje. Er werd tegenover Albert Heijn een nieuw woonzorgcentrum gebouwd in combinatie met winkels. Het werd in 2004 geopend. Het bleek een gouden greep voor alle betrokkenen.
Ook was Theo enige tijd voorzitter van de VVV Ootmarsum. Maar daar beleefde hij niet veel plezier aan; het was de tijd dat Ootmarsum in een federatie ging samenwerken met VVV’s uit omliggende plaatsen. Het was de tijd van de gemeentelijke herindeling en de fusie van Denekamp, Ootmarsum en Weerselo tot Dinkelland. Na de fusie in 2001 werd het oude stadhuis verkocht en was er geen plaats meer voor de VVV die gedwongen was te verhuizen naar het huidige pand aan de Markt.

Othmarridders

Veel meer plezier beleefde Theo Oude Elberink in zijn jonge jaren toen hij betrokken was bij de oprichting van de carnavalsvereniging van Ootmarsum: de Othmarridders. Andere pioniers uit die tijd, we schrijven 1964, waren To(o)n Schulten, Toon Heupink, Paul Pikkemaat en Jan Bloemen. Zij hadden daarbij Oldenzaal als grote voorbeeld. De eerste prins van de Othmarridders was Toon Schulten en de eerste voorzitter was Jan Bloemen. Theo Oude Elberink was de eerste vorst; de coördinator van de Raad van Elf en de prins met zijn adjudanten. Hij volgde ook al snel Jan Bloemen op als voorzitter en dat bleef hij tot 1972. Waar andere Othmarridders van het eerste uur als snel als hoogheid werden gekozen, duurde het bij Theo Oude Elberink tot 1979.

 

Goede prins

,,Maar toen was het ook goed raak”, zegt Bert Klaas. Hij vormde samen met Herman Schuit het adjudanten-duo. Bert Klaas herinnert zich het carnavalsjaar 1979 als ‘een fantastische tijd’. ,,We konden het onderling heel goed met elkaar vinden. Theo was een goede prins, géén uitbundig feestnummer die op de tafels danste. Maar hij was rustig en bedaard; hij was dan ook al wat ouder.” De echtgenote van Bert Klaas, Marina, maakte de staf voor prins Theo 1. Het contact tussen Theo Oude Elberink en Bert Klaas met hun echtgenotes is ook daarna altijd gebleven. ,,We kwamen geregeld bij elkaar over de vloer. We hebben heel wat afgelachen in zijn woning op de Stobbenkamp. Dan liep Theo weg om drank te halen, kwam hij terug met in elke hand twee halve liters bier. Twee zette hij bij mij neer en de andere twee waren voor hem. Dan hoefde hij niet zo vaak te lopen… Het was altijd gezellig en werd altijd laat. Vorig jaar zomer zijn we nog op bezoek geweest. Als altijd waren Theo en Agnes gastvrij.”
Humor
Bert Klaas benadrukt het ‘goede gevoel’ voor humor van Theo. Maar ook zijn grote betrokkenheid bij Ootmarsum én Oldenzaal. ,,Theo hing een beetje tussen Ootmarsum en Oldenzaal in. Ook wel logisch als je ziet wat hij in en voor beide plaatsen heeft gedaan. Dat was heel veel. Hij was er ook trots op en hij wist ook heel erg te waarderen dat andere mensen zich ook sterk maakten voor hun woonplaats.” Theo werd nadien ook lid van de prinsengarde. En hiervoor gold: hij stond niet vooraan. Maar hij stond dit gezelschap altijd wel half.

 

Prominentenboom

Voor zijn vele verdiensten in Oldenzaal kreeg Theo Oude Elberink een boom in het zogeheten Prominentenpark aan de Griekenlandlaan. Een hele eer voor een Ootmarsummer in Oldenzaal en voor zover bekend de eerste en enige tot nu toe. Ook was er een koninklijk lintje voor Theo Oude Elberink vanwege al zijn maatschappelijke verdiensten. Hij werd benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau. Een onderscheiding waar hij stiekem ook wel trots op was.
Naarmate hij ouder werd, liet hij steeds meer over aan de jongere garde. Maar dat wilde niet zeggen dat hij ook minder betrokken was bij Ootmarsum, integendeel. Hij bleef scherp en positief-kritisch. Theo volgde de ontwikkelingen op de voet en liet nooit na om zijn mening, zijn visie te laten horen. In gesprekken met deze en gene maar ook met ingezonden brieven in de krant. En dat allemaal in het belang van Ootmarsum.

 

‘Goed zo’

De laatste twee jaar kreeg Theo Oude Elberink met fysieke problemen te maken. Hij ging door een diep dal maar krabbelde toch weer op. Hij kon terug naar zijn geliefde plekje op de Stobbenkamp waar hij zich samen met Agnes zo enorm thuis had gevoeld. Het onvermijdelijke einde van Theo kwam maandagmiddag toch nog wat sneller dan was verwacht. Ton en Ank Schulten kwamen aan het einde van de middag nog langs om afscheid te nemen. Niet veel later overleed hij. ,,Theo”, zegt Agnes, ,,is gelukkig heel rustig ingeslapen. Ineens was het voorbij. Het is goed zo.”
De avondwake is vrijdagavond om 19.00 uur in de kerk en aansluitend is er in Gasterij Oatmösche gelegenheid om de familie te condoleren. Zaterdag volgt de crematie in Usselo; iedereen is daarbij welkom. Agnes: ,,Dat is geheel in de geest van Theo; hij wil iedereen in de gelegenheid stellen erbij te zijn.”

Bron: Ootmarsum Vroeger en Nu

Theodorus Gerhardus Wilfride Oude Elberink
2026-06-03 22:01:56