Twee-sproak
| Nen boer was an’t waandeln met ’n schoonzön deur ’n es. Ze wadn wal a vaker te hoape hier west. A’j stiekem met dee beid’n ”Wat ligt daar uw hoeve ”Het koren, het golft zo, ”Zo’n varken dat moddert ”Je hoort het kakelen der kippen ”Het paard in dat weiland, ”’t Is altijd romantisch |
”Het werk lijkt me heerlijk, zo vrij als ’t mar kan”. ”Mear ie möt nich vegett’n: Ie möt altied vedan”. Zao loopt ze vadan Mear as ’n schoonzön nao hoes geet Ben Morshuis
|
Oorspronkelijke bron
Jaarboek Heemkunde 1988, pagina 34: Twee-sproakDit artikel toont de tekst van de oorspronkelijke publicatie in het jaarboek. De opmaak kan voor deze webversie licht zijn aangepast. Veel afbeeldingen in deze artikelen zijn 'aanklikbaar', waarna een uitgebreidere beschrijving wordt getoond.
Ga naar de inhoudsopgave van 1988 →


