Opmerking

Denekamperstraat 1

Het Lingenhuis

Dit pand met het kadastrale nummer A211 was 200 jaar geleden eigendom van de smit Berent Jan van Linge (1758-1833). Berend Jan was gehuwd met Margaretha Anharms waarmee hij drie kinderen kreeg. Margaretha is overleden in 1807, waarna hij hertrouwde met de tappersche Fenne Scholten (1773-1842) waarmee hij nog twee kinderen kreeg. De smederij lag aan de overkant, waar nu Denekamperstraat 16 is.

In 1867 wordt kleinzoon Johannes van Linge (1833-1904) de nieuwe eigenaar. Johannes was nog minderjarig toen zijn beide ouders overleden. Vader Hendrik van Linge (1799-1838) was koperslager en overleed op 38-jarige leeftijd, niet lang na het overlijden van zijn grootvader. Oom Jan van Linge (1796-1847) werd ook niet oud, hij overleed in 1847 op 50-jarige leeftijd. Johannes van Linge en broer Berend Jan Julius (1837-1865) en zus Heintje (1842-1929) kwamen hier in 1862-1863 weer te wonen, nadat ze tot dat moment elders woonden. Berend Jan Julius was ongehuwd en ook smid. Zus Heintje trouwde in 1867 met de smid Lucas Schiphorst (1842-1916) uit Nieuwleusen.

Volkers

Tot 1877 woonde de bakker Gerrit Jan Volkers (1806-1886) aan de overkant samen met zijn vrouw Hermanna Schrörlüke (1807-1887) op de Molenstraat 3. Hun zoon Jan Willem Volkers (1841-1919) zette de bakkerij voort. Het echtpaar verhuisde in 1877 naar deze woning aan de Molenstraat 2. Vanuit West Dongeradeel kwam hun dochter Johanna Willemina Volkers (1831-1914) hierbij inwonen. Zij werd meesteres der hervormde diaconies school op de Hervormde school aan de Oostwal.

Vijf jaar later trouwde Johanna Willemina in 1882 op 51-jarige leeftijd met haar buurman Johannes van Linge die aan de straatkant in hetzelfde pand woonde.

In 1892 wordt de woning kadastraal gesplitst. Aan de straatkant wordt het A2052 en de achterkant wordt A2051.

Testament

Bij het opmaken van zijn testament in 1904, had Johannes bepaald, dat al zijn onroerende goederen vermaakt werden aan zijn vrouw. Deze had echter in bijzijn van getuigen moeten beloven, dat na háár overlijden Johannes’ wens ten uitvoer gebracht moest worden: dat het onroerend goed vermaakt moest worden aan de Nederlands Hervormde Kerk. De opbrengst van die goederen moest strekken tot vermeerdering van het predikantstractement. De goederen werden door de Hervormde Gemeente ondergebracht in het "Fonds Van Lingen".

De achterste woning wordt herbouwd en gesplitst. De nieuwe nummers zijn A2199 en A2200. In 1913 verhuist de weduwe Johanna Willemina van Linge-Volkers naar Tubbergen, waar zij een jaar later overlijdt.

Krom

Rond 1910 verhuist het gezin van de rijksambtenaar Hendrik Krom (1848-1919) en zijn vrouw Gezina Rademaker (1858-1952) van de Walstraat 11 naar deze woning. Hun ongehuwde dochter Johanna Krom (1884-1961) was daar in 1907 bevallen van een zoon Herman (1907-1975). Op 1 december 1910 trouwde Aleida met haar neef Johannes Harmanus van Zuilekom (1873-1950), die op dat moment waarschijnlijk in Almelo woonachtig was, haar zoon Herman werd bij het huwelijk erkend. Op 11 januari 1911 verhuist Aleida ook naar Almelo, waar ze op 3 juli bevalt van dochter Willy (1911-2001).

In op 23 januari 1912 verhuisde het gezin van Johannes Harmanus van Zuilekom en Johanna Krom van Almelo naar Ootmarsum naar de woning aan het Kerkplein, waar later de winkel van Buijvoets was.

Van Zuilekom

Nadat de weduwe Johanna Willemina Van Linge - Volkers in 1913 verhuisde naar Tubbergen, nam het gezin van Johannes Harmanus van Zuilekom ook zijn intrek in deze woning. Zij woonden aan de kant van de Denekamperstraat. De familie Krom woonde in het middelste gedeelte.

Velen zullen zich de tabakswinkel van Moeke van Zuilekom (1884-1961) nog herinneren. Tot 1961 stond ze zelf in de zaak, daarna nam haar dochter Gine (1930-2011) het nog twee jaar van haar over.

In het huis woonden 3 gezinnen. Moeke van Zuilekom met dochter Gine, haar man Jan Veldhuis (1926-2006) en hun twee kinderen. In het midden woonden tante Hanna en Tinus Krom. En helemaal links woonde buschauffeur Ter Brake.

Nadat een aantal percelen werd samengevoegd tot één perceel (A3060), kregen deze drie woningen in 1978 uiteindelijk het perceelnummer A3688. Opmerkelijk is dat achter de woning een strookje grond van 27 m2 (A3687) eigendom werd van Dick Kip. Kip was de buurman aan de Molenstraat.

In 1988 werd het pand verkocht aan Paul Klaas.

Henk Eweg schreef in het Jaarboekje van 1999 een prachtig verhaal over dit boeiende pand:

Het Lingenhuis: Een Bijzondere Stadshoek.



Herkomst: Herman Steigstra

Datum: ± 2020


2026-05-22 23:31:53