









Foto: Herman Steigstra; 6 oktober 2024
Aa Broek 5 - voormalig brugwachtershuisje
Deze werkplaats is het laatste overblijfsel van waar ooit het brugwachtershuis stond. 200 jaar geleden lag hier in het Agelerveld nog een heideveld dat eigendom was van de Marke van Agelo. In 1851 verwerft Jan Borghorst (1783-1867), winkelier in Ootmarsum, een stuk heidegrond B1171, dat na zijn overlijden in 1870 deels wordt gekocht door Bernardus Mensink (1834-1883) uit Groot Agelo. Het perceel wijzigt daardoor in nummer B1432. Rond 1883 volgt wederom splitsing en koopt de Provincie Overijssel in verband met de aanleg van het kanaal Almelo-Nordhorn het stuk grond, perceelnummer B1625. De Provincie bouwt hierop in 1888 het brugwachtershuisje.
Kanaal Almelo-Nordhorn

Het kanaalvak van Almelo tot de grens bij Denekamp wordt in 1886 in gebruik genomen. Het laatste gedeelte, de verbinding met het Eems-Vechtkanaal in Nordhorn, zou pas in 1902 gereed komen. Aanleiding voor de aanleg van het kanaal is een verdrag tussen de Nederlandse en Pruisische regering uit 1876, dat gesloten werd omdat men hoge verwachtingen heeft van verbindingen tussen waterwegen in Duitsland en Nederland.
Het zijn met name turfschepen, die de turf halen uit Vriezenveen, Kloosterhaar en omgeving en die de brandstof door het kanaal brengen bij kopers in o.a. Denekamp, Agelo en Ootmarsum. Aanvankelijk varen er ook passagierstrekschuiten door het kanaal, maar het personenvervoer verdwijnt al snel. Tot drukke scheepvaart komt het nooit, omdat bij de voltooiing van het kanaal de schepen al te groot zijn voor het ondiepe kanaal. Rond het topjaar 1912 varen er dagelijks gemiddeld twee schepen door het kanaal. De vrachtschepen vervoeren nog een tijd lang turf, zware bouwmaterialen en later ook kunstmest. Na de ingebruikname van het Twentekanaal in 1953 neemt ook dat snel af.
In juni 1959 rijdt een Deense truck met oplegger tegen de Agelerbrug, waardoor deze ernstig beschadigd wordt en er geen schepen meer onderdoor kunnen. Er wordt besloten de ophaalbrug niet meer te repareren. Wanneer een enkel schip de brug nog wil passeren, wordt een ingewikkelde takeldienst in werking gesteld. In 1960 vaart het laatste (turf)schip door het kanaal,
In 1963 verdwijnt de ophaalbrug, er worden dammen met duikers geplaatst in het kanaal en de weg over het kanaal wordt verbreed.
Brugwachtershuisje
Het brugwachtershuisje, groot 124 m2 met kadasternummer B1706, lag aan de weg van Ootmarsum naar Oldenzaal bij ophaalbrug nummer 10, in de volksmond de Agelerbrug genoemd. Het is aan de brugwachter om de brug te bedienen. Wanneer een schip passeert, moet de brugwachter eerst over de brug naar de andere kant om van daaruit de brug op te trekken of te draaien. Hij krijgt daarvoor vijf tot twintig cent per schip. De mensen of paarden die het schip voorttrekken, lopen steeds aan de noordelijke kant van het kanaal over het z.g. jaagpad.
Rond 1889 trekt de eerste brugwachter, Jans Dooren (1856-1923), met zijn gezin in het huisje. Jans is afkomstig uit Smilde en was voorheen werkzaam als steenfabriekarbeider. Een jaar later al maakt Jans plaats voor Harm ten Napel (1850-1913) uit Dedemsvaart en zijn vrouw Geertje Schepers (1849-1939). Harm blijft vijf jaar brugwachter in Agelo, dan vertrekt hij weer terug naar Ambt-Hardenberg.
De volgende brugwachter is Gerhardus Johannes Damhuis (1868-1915) uit Fleringen. Hij is in 1895 getrouwd met Maria Mulders (1870-1936) en ze krijgen vier kinderen aan het kanaal. Daarna verhuist hij in 1903 met zijn gezin naar Tilligte.

Na het overlijden van Jan Nijmeijer in 1939 komt Gerhard Burink (1909-1964), Burink Gait uit Groot Agelo, als brugwachter op het huisje. Hij trouwt in 1940 met Santje Damink (1916-1992), Burink Santje uit Klein Agelo. Samen krijgen ze 9 kinderen. Al begin jaren veertig treedt Gait in dienst bij de Heide Maatschappij en neemt Santje de functie van brugwachter grotendeels over. De eerste jaren dat zij als brugwachteres waarneemt, is er nog sprake van behoorlijke scheepvaart op het kanaal, maar in de jaren vijftig passeert er nog maar zelden een schip, meestal een turfschip. Rond 1954 krijgt de familie Burink de aanzegging dat zij de brugwachterswoning moeten verlaten, maar ze krijgen de tijd om rustig naar een ander huis uit te zien.
Burink Gait overlijdt in 1964, nadat er al enkele jaren geen scheepvaart meer is door het kanaal. Zijn weduwe Burink Santje en haar kinderen verhuizen in 1966 naar Ootmarsum. Kort daarna wordt het karakteristieke brugwachtershuisje afgebroken.
Tekst: Kanaal Almelo Nordhorn | Binnenvaart in Beeld. Tw Courant 13-6-1959, 20-6-1959. Tw Dagblad Tubantia 8-2-1964. Kanaal Almelo-Nordhorn: het eeuwige sentiment rondom een historische vergissing | Almelo | tubantia.nl, 31 mei 2023
Foto: Erna Lohuis; 1965
Pinksterbroed 1965
Rond kerkelijke feesten zijn door de eeuwen heen vaak oude tradities bewaard gebleven, zoals in Agelo de Pinksterbroed. Een groep meisjes met voorop de pinksterbroed gaat van deur naar deur en zij zingen een toepasselijk liedje.
De foto is gemaakt aan de Weerselosestraat bij de boerderij van Baas-Gait.
Het ijsje kregen de meisjes van de fotograaf!
Voorste rij:
Helma Rozendaal, bruidje : Erna Lohuis, Gerda (*1958), dochter van Hendrik Burink (1913-2001), Burink-Hendrik.
Midden:
Ans Lohuis, zus van Erna en Marianne Burink (*ong 1956) dochter van Gerhard Burink (1909-1964), Burink-Gait (van het brugwachtershuisje)
Achterste rij:
Ine Burink (*ong 1953), zus van Marianne en Siny Droste, (*ong 1953)
Tekst: Herman Steigstra
Foto: Erna Lohuis; 1963
Agelerbrug verdwenen
In de zomer van 1963 verdween ophaalbrug nummer 10, ook Agelerbrug genoemd, over het kanaal Almelo-Nordhorn. De brug werd afgebroken, er werden dammen met duikers in het kanaal gelegd en de weg over het kanaal werd verbreed. In 1966 werd ook het brugwachtershuisje afgebroken.
Op 10 augustus 1963 verscheen onderstaand bericht in het Twentsch Dagblad Tubantia.
Agelerbrug binnenkort geen obstakel meer
De Agelerbrug heeft afgedaan. Op de dam, in het kanaal Almelo-Nordhorn, (..), werd gisteren het asfaltwegdek ingewalst. Binnenkort hoeven de gemotoriseerde weggebruikers geen snelheid meer te minderen om zich door de “flessenhals” ter plaatse te wringen, wat altijd met de nodige voorzichtigheid moest gebeuren. Vooral de busbestuurders zullen blij zijn, dat dit obstakel tussen Oldenzaal en Ootmarsum zeer binnenkort tot het verleden behoort.
Tekst: Twentsch Dagblad Tubantia 10 aug. 1963
Foto: Heemhuis; 1960
Agelerbrug
Kanaalbrug nr. 10 van het kanaal Almelo-Nordhorn.
Tekst: Herman Steigstra
Foto: Heemhuis; 1960
Te voet over de brug
Speciaal vervoer met de TET: "Te voet over de brug". De TET (Twentsche Electrische Tramwegmaatschappij) maakt deze keer wel een hele speciale rit. In Contact, het orgaan voor het personeel van de TET, staat deze foto afgedrukt met de tekst:
"Van tijd tot tijd gaat bij de T.E.T. de telefoon en dan belt de Waterstaat. Wij vernemen dan, dat er iets aan de hand is met de brug. Iedereen weet, dat daarmee de Agelerbrug wordt bedoeld. Want die gaat zo nu en dan door de knieën. Zo ook op 22 augustus, toen een zware dragline een knik in de draagbalken veroorzaakte. Er is toen weer extra materieel nodig geweest om het vervoer gaande te houden. De bussen reden tot de brug, waar de reizigers overstapten in andere bussen, die aan de overzijde stonden. Voorlopig zal de Agelerbrug weer worden opgelapt, in afwachting van het bouwen van een nieuwe brug. Dat dit zal gebeuren staat vast, maar het wachten duurt wel lang."
Tekst: Herman Steigstra
Foto: Heemhuis; 1960
Familie Burink
Vier kinderen van de familie Burink zittend bij het Almelo-Nordhornkanaal ter hoogte van de Agelerbrug. Op de foto staat brug nr.10 of wel de Agelerbrug op de plaats waar de Rossummerstraat het kanaal passeert.
De familie Burink woonde in de brugwachterswoning rechts voor het kanaal. Ze zorgden voor de bediening van de brug. Wanneer een schip passeerde, moest de brugwachter eerst over de brug naar de andere kant om van daaruit de brug op te trekken of te draaien. Hij kreeg daarvoor vijf tot twintig cent per schip. De mensen of paarden die het schip trokken, liepen steeds aan de noordelijke kant van het kanaal over het z.g. jaagpad.
In de jaren zestig verdween de ophaalbrug, evenals het karakteristieke huisje. Het kanaal werd in 1976 officieel voor scheepvaart gesloten.
Van links naar rechts: Jos Burink, Ine Burink,Marianne Burink, Annie Burink
Tekst: Herman Steigstra
Foto: Erna Lohuis; 1956
Agelerbrug
Agelerbrug in de richting van Oldenzaal.
Op de foto is zichtbaar dat het verkeer komende uit Ootmarsum voorrang heeft op het verkeer uit de richting van Oldenzaal. Een besluit dat reeds in 1937 werd genomen door Gedeputeerde Staten van Overijssel. Dalniettemin nam, met het toenemende gemotoriseerd verkeer, het aantal verkeersongelukken op de brug in de jaren veertig en vijftig van de 20e eeuw toe. Zo werd dierenarts Karel Gesinus Meijers (1919-2007) in 1950 voor zijn leven invalide, doordat hem op de motor op de Agelerbrug geen voorrang verleend werd.
Bericht Twentsch Dagblad Tubantia 16-08-1956:
Agelerbrug wacht op verbetering.
De A.N.W.B. heeft meegedeeld, dat er reeds jarenlang plannen gereed liggen voor de bouw van een nieuwe brug ter vervanging van de tegenwoordige Agelerbrug over het kanaal Almelo- Nordhorn. Deze brug is, zoals bekend, veel smaller dan de aansluitende weggedeelten, namelijk 3,50 tegen 6,30 m., hetgeen uiteraard voor het verkeer grote gevaren inhoudt.
Tekst: Twentsch Dagblad Tubantia 22-05-1956 en 16-08-1956; Twentsche Courant 19-02-1937
Foto: Erna Lohuis; 1956
Naobers 1956
Naobers ‘Achter het Kanaal’, t.g.v. het huwelijk van Bernard Lohuis en Lien Pierik, 20 juni 1956
V.l.n.r. met bijnamen:
1. Hanna Gortemaker (1902-1994), Plas Hanna en Bernard Plas (1901-1980), Plas Bearnd,
2. Bernhard Geerdink (1898-1979), Hams Bearnd en Hanna Nijmeijer (1904-1994), Hams Hanna,
3. Anneke Blokhuis (1918-1966), Smids Anneke,
4. Bernard Lohuis (1915-1959), Lomans Bearnd
5. Bernard Kamphuis (1919-1988), Smids Bearnd, van Vasser Smidke
6. Gerhard Burink (1909-1964), Burink Gait en Santje Damink (1916-1992), Burink Santje
7. Lena Grote Beverborg (1926-2004), Lena van Lienboer en Gerard Roesthuis (1918-2003), Gerrad van Lienboer,
8. Marie Steggink (1917-1995), Lamerts Marie en Johan Borggreve (1911-1987), Lamerts Johan, Lamert achter ’t kanaal
V.l.n.r. met adres
1. Plas Hanna en Plas Bearnd, Lomanskampweg 3
2. Hams Bearnd en Hams Hanna, Wolfsbergweg 3
3. Smids Anneke, Lomanskampweg 5 (vrouw van nr 5)
4. Loamans Bearnd , Wolfsbergweg 2 - bruidegom
5. Smids Bearnd (‘Vasser Smidke’), Lomanskampweg 5 (man van nr 3)
6. Burink Gait en Burink Santje, Brugwachtershuisje Agelerbrug, Aa broek 5
7. Lena Lienboer en Gerrad Lienboer, Rossummerstraat 39
8. Lamerts Marie en Lamerts Johan (’Lamert achter ’t Kanaal’), Lomanskampweg 3
Tekst: Erna Lohuis
Foto: Heemhuis; 1955
De brugwachtersfamilie Burink
De familie Burink woonde in de brugwachterswoning rechts voor het kanaal voor de Agelerbrug. Ze zorgden voor de bediening van de brug. Wanneer een schip passeerde, moest de brugwachter eerst over de brug naar de andere kant om van daaruit de brug op te trekken of te draaien. Hij kreeg daarvoor vijf tot twintig cent per schip. De mensen of paarden die het schip trokken, liepen steeds aan de noordelijke kant van het kanaal over het z.g. jaagpad.
Tijdens de ruilverkaveling, begin jaren zestig verdween de ophaalbrug, evenals het karakteristieke huisje. Het kanaal werd in 1960 voor scheepvaart gesloten.
V.l.n.r. Santje Burink-Damink (1916-1992), Johan Burink en Gerhard Burink (1909-1964) (’Gait’).
Tekst: Herman Steigstra
Foto: Heemhuis; 1955
De brugwachtersfamilie Burink
De familie Burink woonde in de brugwachterswoning rechts voor het kanaal voor de Agelerbrug. Ze zorgden voor de bediening van de brug. Wanneer een schip passeerde, moest de brugwachter eerst over de brug naar de andere kant om van daaruit de brug op te trekken of te draaien. Hij kreeg daarvoor vijf tot twintig cent per schip. De mensen of paarden die het schip trokken, liepen steeds aan de noordelijke kant van het kanaal over het z.g. jaagpad.
Tijdens de ruilverkaveling, begin jaren zestig verdween de ophaalbrug, evenals het karakteristieke huisje. Het kanaal werd in 1960 voor scheepvaart gesloten.
V.l.n.r. Santje Burink-Damink (1916-1992), Gerhard Burink (1909-1964) (’Gait’), op de arm Jos Burink.
Tekst: Herman Steigstra
Foto: Heemhuis; 1935
Ageler brug
De Agelerbrug met de sluis aan voorzijde.
Tekst: Lizette Velthuis
Foto: Heemhuis; 1935
Vorsteveld turfvervoer
De Agelerbrug met op de achtergrond de turfschuur.
Tekst: Lizette Velthuis
Foto: Heemhuis; 1935
Vorsteveld turfvervoer
Het turfschip dat bij de Agelerbrug aanmeerde om gelost te worden, de jongeman rechts is de zoon van de schipper Gerrit Vorsteveld (1923-2012).
Tekst: Lizette Velthuis
Foto: Heemhuis; 1930
Vorsteveld turfvervoer
Op de foto enkele turfschepen ter hoogte van brug nr. 10 of wel de Agelerbrug over het kanaal Almelo-Nordhorn.
Bernhard Geerdink (1898-1979) van Hams van de Vasserweg was aanvankelijk turfhandelaar en hielp met het lossen van de schepen die in het kanaal Almelo-Nordhorn lagen. Hij leerde zo Hanna Nijmeijer (1904-1994) kennen, die in de brugwachterswoning op de foto woonde. Na hun huwelijk gingen ze wonen aan de Oldenzaalsedijk, aan de huidige Wolfsbergweg 3.
Lokatie: Agelo, Rossummerstraat
Opmerkingen: Bron: Eigen Erf, dd 26 dec 1930. Pers: Foto geplaatst in Den. Weekblad 11-2-1998 en Dinkelland Visie 2-4-2009.
Tekst: Lizette Velthuis
Foto: Erna Lohuis; 1930
Schuur voor opslag turf
De turfschippers die over het kanaal Almelo-Nordhorn voeren, losten op meerdere adressen turf af, o.a. bij kanaalbrug 10, de Agelerbrug. Per keer werd dan zo’n 60 ton turf gelost, ongeveer 80.000 tot 90.000 turven, die bestemd was voor turfhandelaar Graats Kunne (1869-1959), Veldhoes Graats en zoon Herman Kunne (1909-1983), Veldhoes Heerm.. De turf werd in korven of per kruiwagen over een smalle plank aan wal gebracht en opgeslagen in de grote schuur bij het kanaal of in de schuur achter hun huis, om vervolgens verder verhandeld te worden. Bij het lossen van de turf hielp de hele familie mee.
Brandstofhandelaren uit o.a. Ootmarsum, maar ook particulieren haalden hun turf bij de familie Veldhoes-Kunne op.
Tekst: BMS, Bijnamen in en rond Ootmarsum, p. 599
Foto: Erna Lohuis; 1930
Brugwachtershuisje
Een mooie foto van de ophaalbrug, toen het kanaal nog volop in bedrijf was. Het brugwachtershuisje staat rechts achter op deze foto. De foto komt uit het tijdschrift Eigen Erf, dd. 26 dec 1930. (Dezelfde foto staat ook in Bijnamen in en rond Ootmarsum). Uit een krantenbericht valt op te maken dat de brug en het brugwachterhuisje van rond 1888 dateren. De brug is in 1963 afgebroken, het huisje in 1966.
Tekst: Provinciale en Overijsselsche en Zwlsche Courant, 13-10-1888
Foto: Heemhuis; 1920
Vorsteveld turfvervoer
Het turfschip vaart onder de Agelerbrug door om hierna gelost te worden.
Tekst: Lizette Velthuis

▼ Historische adressen
Kadastraal in 1832: B697
| Jaar | Kadastraal | Adres |
|---|---|---|
| 1870-1880 | B1432 | Agelo heide |
| 1880-1890 | B1625 | Agelo GA78A |
| 1890-1900 | B1706 | Agelo GA78A |
| 1900-1940 | B1706 | Agelo GA59 |
| 1940-1950 | B1706 | Agelo, Aa Broek GA61 |
| Heden | Q998 | Agelo, Aa Broek 5 |

▼ Bevolkingsregister
In het bevolkingsregister zijn onderstaande pagina's gevonden, die een relatie hebben met dit adres:

Adres: Groot Agelo GA 78a
| bewoner | geboortedatum | geboorteplaats | rol | beroep | opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Jans Dooren | 18 februari 1856 | Smilde | hoofd | brugwachter | ingeschreven op 4 maart 1889 van folio 33 - T |
| Aukje Kroes | 31 oktober 1852 | Assen | vrouw | ingeschreven op 4 maart 1889 | |
| Jan Dooren | 7 november 1880 | Nieuw-Amsterdam | zoon | "       " | |
| Frederika Dooren | 2 juni 1884 | Nieuw Amsterdam | dochter | "       " | |
| Willemina Heildina Doorn | 4 mei 1887 | Reutum | dochter | "       " | |
| Johanna Dooren | 18 februari 1890 | Denekamp | dochter | "       " |

Adres: Groot Agelo GA 78a
| bewoner | geboortedatum | geboorteplaats | rol | beroep | opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Herm ten Napel | 9 juni 1850 | Dedemsvaart | hoofd | brugwachter | ingeschreven op 16 december 1890 vanuit Ambt-Hardenberg vertrokken op 29 april 1895 naar Denekamp |
| Geertje Schepers | 17 september 1849 | Smilde | vrouw | "       " | |
| Roelfje Schepers | 9 september 1866 | Nieuw-Amsterdam | schoonzus | ingeschreven op 8 maart 1890 vanuit Ambt-Hardenberg vertrokken op 9 augustus 1890 naar Ambt-Ommen | |
| Hendrik Schepers | 9 februari 1890 | Sibulo | schoonzoon | "       " | |
| Hermannus Bernardus Nijmeijer | 20 maart 1869 | Nutter | hoofd | landbouw | |
| Euphemia Kuipers | 17 oktober 1871 | Langeveen | vrouw |

Adres: Groot Agelo GA 78a
| bewoner | geboortedatum | geboorteplaats | rol | beroep | opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Gerhardus Johannes Damhuis | 9 december 1868 | Fleringen | hoofd | brugwachter | ingeschreven op 26 april 1895 vanuit Tubbergen |
| Maria Mulders | 8 oktober 1870 | Nijstad | vrouw | ingeschreven op 16 juni 1895 vanuit Weerselo | |
| Hendrika Geertruida Damhuis | 11 juni 1896 | Groot Agelo | dochter | ingeschreven op 12 juni 1896 | |
| Johannes Albertus Damhuis | 25 maart 1898 | Groot Agelo | zoon | ingeschreven op 26 maart 1898 | |
| Gerarda Johanna Damhuis | 14 november 1899 | Groot Agelo | dochter | ingeschreven op 15 november 1899 | |
| Hendrica Gesiena Golbach | 6 september 1880 | Agelo |

Adres: Groot Agelo GA 59
| bewoner | geboortedatum | geboorteplaats | rol | beroep | opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Gerhardus Johannes Damhuis | 9 december 1868 | Fleringen | hoofd | brugwachter | zie T folio 45 |
| Maria Mulders | 8 oktober 1870 | Nijstad | vrouw | "       " | |
| Hendrika Geertruida Damhuis | 11 juni 1896 | Groot Agelo | dochter | "       " | |
| Johannes Albertus Damhuis | 25 maart 1898 | Groot Agelo | zoon | "       " | |
| Gerarda Johanna Damhuis | 14 november 1899 | Groot Agelo | dochter | "       " | |
| Hendrica Gesiena Golbach | 6 september 1880 | Agelo | vertrokken op 23 mei 1908 naar Tubbergen zie T folio 45 | ||
| Gerardus Hendrikus Damhuis | 21 mei 1901 | Groot Agelo | zoon | zie T folio 45 | |
| Maria Johanna Damhuis | 8 oktober 1903 | Tilligte | dochter | overleden op 26 december 1903 zie T folio 45 | |
| Maria Johanna Damhuis | 12 oktober 1904 | Tilligte | dochter | zie T folio 45 |

Adres: Groot Agelo GA 59
| bewoner | geboortedatum | geboorteplaats | rol | beroep | opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Jan Nijmeijer | 21 augustus 1867 | Lattrop | hoofd | brugwachter | van ND folio 158 |
| Johanna Brunink | 24 maart 1866 | Weerselo | vrouw | "       " | |
| Joannes Brunink | 9 juni 1832 | Beuningen | schoonvader | "       " | |
| Geertrui Oude Leferink | 13 december 1834 | Weerselo | tante | overleden op 22 mei 1918 van ND folio 158 | |
| Aleida Johanna Nijmeijer | 8 maart 1900 | Noord Deurningen | dochter | van ND folio 158 | |
| Johannes Hermannus Nijmeijer | 26 september 1901 | Noord Deurningen | zoon | "       " | |
| Johanna Geertruida Nijmeijer | 19 november 1904 | Groot Agelo | dochter | "       " |

Adres: Denekamp GA 59 (61)
| bewoner | geboortedatum | geboorteplaats | rol | beroep | opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Jan Nijmeijer | 21 augustus 1867 | Lattrop | hoofd | brugwachter | |
| Johanna Brunink | 24 maart 1866 | Weerselo | vrouw | ||
| Aleida Johanna Nijmeijer | 8 maart 1900 | Noord Deurningen | dochter | ||
| Johannes Hermannus Nijmeijer | 26 september 1901 | Noord Deurningen | zoon | fabrieksarbeider | gehuwd op 29 september 1928 vertrokken op 28 december 1928 naar Oldenzaal |
| Johanna Geertruida Nijmeijer | 19 november 1904 | Groot Agelo | dochter | gehuwd op 14 februari 1930 vertrokken naar GK B Geerdink | |
| Joannes Brunink | 9 juni 1832 | Beuningen | schoonvader | overleden op 27 september 1927 |







